Home Maatschappij Milieu Er is leven na de kernuitstap

Er is leven na de kernuitstap

Volgens de letter van de wet gaan tegen 2025 alle kerncentrales dicht. Na de sluiting zijn we voor onze elektriciteit op andere energiebronnen aangewezen. Gas, wind en zon liggen het meest voor de hand, maar zijn er ook andere pistes?

Eind dit jaar zal het er liggen: het energiepact dat onze stroomvoorziening voor de toekomst veilig stelt. ‘Eindelijk’ mogen we zeggen, want nu de kernuitstap nadert – officieel in 2025, maar mogelijk tien jaar later – dringt de tijd om het potentieel (én de kostprijs) van de alternatieven in te schatten. EnergyVille, het labo van KULeuven, VITO, imec en UHasselt gaan ervan uit dat tegen 2030 de helft van de stroom in België uit hernieuwbare energie komt. Gascentrales zouden de rest van onze elektriciteitsnood lenigen, samen met een klein percentage import uit het buitenland.

Hernieuwbare bronnen

Bij die hernieuwbare, groene stroom moet je in de eerste plaats aan zonne- en windenergie denken. Van alle hernieuwbare bronnen hebben die het meeste potentieel. “Maar er volledig op overschakelen is niet voor morgen”, zegt Sebastian Verhelst, hoofddocent verbrandingsmotoren aan de UGent. “Je bent namelijk altijd van de weersomstandigheden afhankelijk. Weinig zon of wind betekent weinig energie.” Om die reden zullen we ook meer constante vormen van hernieuwbare energie nodig hebben, zoals geothermie (aardwarmte) en biomassa.

Biomassa

“Zeker biomassa moet de overheid in de elektriciteitsmix voor 2030 blijven opnemen”, vindt collega Johan Albrecht van de faculteit Economie. “Omdat je zo een bijkomend, duurzaam alternatief hebt voor je gascentrales, die traditioneel veel CO2 uitstoten.” Biomassacentrales, die houtpellets en ander biologisch materiaal verbranden, kun je daarentegen als CO2-neutraal beschouwen. “Omdat de bomen die je verbrandt, eerst CO2 hebben geabsorbeerd. Je kringloop is dus gesloten.” Verhelst volgt die redenering, maar schat het potentieel van biomassa in België eerder gering in. In tegenstelling tot pakweg Brazilië hebben we hier immers onvoldoende biologisch materiaal met een hoog rendement, zoals suikerriet, beschikbaar.

Elke energiebron kun je onder de vorm van waterstof opslaan.
— Sebastian Verhelst

Toch komt vandaag ongeveer de helft van al onze groene stroom uit biomassa. In 2015 haalden we 3851 GWh stroom uit bio-energie, waarmee we 1,1 miljoen gezinnen van elektriciteit konden voorzien. “Het nadeel van energie uit biomassa is dat het materiaal niet gratis beschikbaar is”, legt Jan Verheyen, woordvoerder van de OVAM uit. Afhankelijk van het soort biomassa en de gebruikte conversietechniek kan de kost tot meer dan de helft van de operationele kosten vertegenwoordigen. Toch schat ook hij in dat biomassa nog wel een tijdje zijn plaats in onze energiemix zal behouden.

Biologisch materiaal

Biologisch materiaal moet je trouwens niet per se verbranden om er energie uit te halen, je kunt het ook vergisten tot biogas. In Vlaanderen wordt die techniek toegepast om dierlijke mest, energiegewassen, gft-afval en organisch-biologisch bedrijfsafval te verwerken, goed voor 10 procent van onze groenestroomproductie. “En er is zeker nog potentieel”, klinkt het bij de OVAM. “Zeker als alle Vlaamse gemeenten op gft-inzameling overschakelen en het bestaande gft-verwerkingspark met een voorvergistingsstap uitbreidt. Dan combineer je materiaalrecyclage met groenestroomproductie.”

Waterstof

Een andere sterk opkomende en interessante energiebron voor het energieverhaal, is waterstof. Dat kan bijvoorbeeld gebruikt worden om zonne- en windenergieoverschotten op te vangen. Door energie toe te voegen aan water (elektrolyse), splits je water op in waterstofgas en zuurstofgas. Dat waterstofgas kun je opslaan, vervoeren en wanneer nodig terug verbranden om energie vrij te krijgen. “Het grote voordeel van waterstof is dat de productie en het gebruik ervan heel flexibel zijn”, zegt Sebastian Verhelst. “Elke energiebron kun je onder de vorm van waterstof opslaan. En je kunt het met een groot rendement terug omzetten. Zonder uitstoot bovendien.” Het nadeel is de lage energiedichtheid: je hebt enorme tanks nodig om het goedje op te slaan. Toepassingen ziet hij daarom vooral in het transport en de industrie. Al kunnen er tegen 2030 natuurlijk nog andere revolutionaire technologieën opduiken.

MEER

Private banking als therapeutisch vermogensbeheer

Private BankingWanneer je aardig wat financieel vermogen hebt verworven, zie je dat liefst in bekwame handen terechtkomen. Zo kun je gewoon bankieren of privaat gaan, wat op zich dan weer een resem opties inhoudt. De keuze is volledig aan jou.

Een stukje paradijs op aarde

TuinarchitectuurWeinig dingen die zo aangenaam zijn als verpozen in een mooie, perfect onderhouden tuin. Maar wat precies ‘mooi’ is, wil wel eens veranderen. Want net als in kleding, auto’s en schoenen zijn er ook in tuinen trends en modes. Welke planten en stijlen zijn nu in? En vooral: welke zijn out?

Digitaal leren in de klas én op de werkvloer

duaal leren Volgend schooljaar wordt duaal leren - waarbij leerlingen deeltijds les volgen en deeltijds werken - officieel uitgerold in alle Vlaamse scholen.

‘De Belg, een slimme spaarder?’

SparenDe Belg spaart meer dan ooit. Er staat maar liefst 266 miljard euro op onze spaarboekjes. Nochtans is de opbrengst op het eerste zicht historisch laag. Is de Belg tegen beter weten in historisch verknocht aan zijn spaarboekje? De realiteit is genuanceerder. De Belg blijft een slimme spaarder maar er is een aandachtspunt.

‘Een aantal landbouwers moet overwegen om over te stappen...

biologische landbouwArdo is de grootste producent van diepvriesgroenten in Europa en kende de laatste veertig jaar een explosieve groei. In 1977 zag de diepvriesgigant het leven. In 2015 fuseerden de twee bedrijven van de familie Haspeslagh, Ardo en Dujardin, tot één groep met als resultaat dat er nu een omzet gedraaid wordt van om en bij de 1 miljard euro

S-peil: beter beginnen bij de bron dan overbodige aanpassingen...

energiezuinig bouwenWe moeten efficiënter, duurzamer en energiezuiniger bouwen. Vanaf 2021 moeten alle nieuwbouwwoningen bijna-energieneutraal (BEN) zijn. Goede isolatie speelt een cruciale rol in het realiseren van een (bijna) energieneutrale woning.