Gezondheid

‘COVID vergroot het isolement van mensen met een visuele beperking’

21.10.2020
door Daan Vanslembroeck

Corona treft ons allemaal hard. De ziekte zelf hakt er fel in en daarnaast krijgt de economie klappen, waarbij bepaalde sectoren zwaarder getroffen worden dan andere. En dan is er ook nog het menselijk leed, los van de ziekte. Dat zien we bijvoorbeeld terug bij mensen met een visuele beperking. 

Mensen die hun job verliezen, rusthuisbewoners die geen bezoek meer krijgen of het dalend aantal vrijwilligers dat een helpende hand reikt naar mensen met een beperking.

Extra uitdagingen door pandemie

Jan de Smedt, gedelegeerd bestuurder bij Blindenzorg Licht en Liefde, stelt dat de situatie voor mensen met een visuele beperking allesbehalve rooskleurig is. “Deze groep mensen is nog veel meer aan hun woonplaats gekluisterd dan mensen die kunnen zien. Naar buiten gaan is voor hen al een hele uitdaging, laat staan dat er dan nog een besmettelijk virus in de maatschappij circuleert. Het is voor hen tevens een extra uitdaging, zo niet onmogelijk, om afstand te bewaren. Zelfs met een witte stok kunnen omstaanders boos reageren omdat iemand die blind is onbewust te dicht komt.

Mensen zullen ook minder geneigd zijn om iemand te helpen bij het oversteken, omdat die anderhalve meter niet meer gerespecteerd wordt. Het maakt het niet evident voor slechtzienden om buiten te komen. Daarom hebben wij vanuit Licht en Liefde mondmaskers laten maken waarop gedrukt staat: ‘Merci voor je 1,5 meter’. Op die manier willen we mensen sensibiliseren om zelf de nodige afstand te houden, omdat mensen met een visuele beperking het zelf niet kunnen zien.”

De Smedt bevestigt dat blinden en slechtzienden nog meer te maken krijgen met sociale deprivatie. “Ze kunnen nergens naartoe. Ook het openbaar vervoer is in COVID-tijden geen sinecure. Ze zijn al een hele periode op zichzelf aangewezen. Ook al wonen ze met iemand samen thuis, de sociale contacten zijn verminderd. COVID vergroot het isolement van mensen met een visuele beperking. Daar moeten we echt geen tekening bij maken.”

Gewoon een babbeltje slaan, een luisterend oor bieden en eens vragen hoe het nu gaat. Dat is al voldoende.

Vrijwilligerswerk en professionele hulp

Maar Licht en Liefde probeert die periode zo goed mogelijk te overbruggen en komt met alternatieven. “Tijdens de eerste lockdown werkten we met een team van vrijwilligers die van thuis uit mensen opbelden”, vertelt de Smedt. “Gewoon een babbeltje slaan, een luisterend oor bieden en eens vragen hoe het nu gaat. Dat is al voldoende. Honderden mensen hebben we op die manier gecontacteerd en dat werd erg goed onthaald.”

Het team kon ook inspelen en indien nodig professionele hulp inschakelen bij mogelijke problemen. “Veel mensen durven bijvoorbeeld niet openlijk toegeven dat ze eenzaam zijn. Dat is vaak een brug te ver. Anderen konden geen boodschappen meer doen omdat ze niet meer naar buiten durfden te gaan en geen afstand konden houden. En dan is er ook het verhaal van de bijeenkomsten die wegvallen. Sociale activiteiten in groep kunnen niet, en daar kijken die mensen nu net enorm naar uit. Maar dat staat dus allemaal on hold.”

Motiveren om een steentje bij te dragen

De COVID-periode is nog lang niet achter de rug en daarom doet de Smedt een warme oproep. “Zonder die vrijwilligers kunnen we alles echt niet bewerkstelligen. Voor ons als organisatie is het sowieso al een andere context. We zijn enerzijds afhankelijk van giften en donaties en anderzijds moeten we voldoende vrijwilligers hebben om telefonische bijstand te kunnen geven.” Er is dus dringend nood aan vers bloed om het team te versterken. “Iedereen kan bij ons terecht, als je maar gemotiveerd en geëngageerd bent”, besluit de Smedt. “Wie besluit om ons team te versterken, krijgt een interne opleiding van ons. Je kunt bovendien alles van thuis uit doen, de telefoonkosten zijn voor ons en je kiest zelf het moment waarop je bijvoorbeeld belt. Dat kan gerust ’s avonds na de werkuren zijn.”

“Wij moeten als organisatie ook onszelf heruitvinden, maar dankzij de technologie kunnen we toch veel meer realiseren dan vroeger. We hopen dat dit ook maar een overgangsfase is en dat we over een half jaar opnieuw onze normale activiteiten kunnen hervatten. Tot die periode hopen we dat we toch voldoende mensen kunnen motiveren om onze taken uit te voeren en om een steentje bij te dragen aan het creëren van een goed gevoel bij mensen met een visuele beperking.”

Vorig artikel
Volgend artikel