Home Blog

Zonnige groe(n)tjes uit het zuiden!

Verschillende soorten bananen op een plank

Onze supermarkten bieden dagelijks een kleurrijk assortiment van groenten en fruit aan, maar weet jij hoeveel kilometers onze druiven en komkommers afleggen om in de winkelrekken te belanden? Sommig gezonde tussendoortjes zijn namelijk niet altijd gezond voor het milieu. De teelt van die gewassen speelt overigens ook een belangrijke rol.

Het is altijd even puffen als je aan de kassa in sneltempo je boodschappen in je draagtassen steekt. De kassamedewerker scant razendsnel je aankopen, waardoor het opbergen een beetje op conditietraining begint te lijken. De analyse van je winkelkar maak je vervolgens snel op basis van de kassabon. Zijn de kortingen meegerekend? Check. Behalve het financiële plaatje, is er weinig ruimte voor een diepgaander onderzoek.

Toch mag je best ook de CO2-voetafdruk van je winkelkar eens onder de loep nemen. Meer specifiek kijken we naar groenten en fruit, want die zijn in sommige gevallen vervuilender dan je zou denken. Bij vervuiling denken we al snel aan het aantal kilometers dat een kiwi uit Nieuw-Zeeland moet afleggen om tot in ons land te geraken. Maar ook de manier waarop onze groenten en fruit geteeld worden, hebben een impact op het milieu.

Te land, ter zee of in de lucht?

francesco-ungaro-749416-unsplash

Bananen uit Colombia of snijbonen uit Kenia… Er bestaan heel wat globetrotters onder de groenten- en fruitsoorten. Veel kilometers aan transport hebben een invloed op de CO2-uitstoot, maar de vrachtwagen, trein, boot of vliegtuig maken een wereld van verschil. De bovengenoemde boontjes worden met een vliegtuig naar een Europese distributeur overgevlogen, terwijl de bananen in grotere bulk de oversteek met de boot maken. In het laatste geval wordt er minder CO2 uitgestoten omwille van het groter vervoerde volume en het gebruik van zeevaart.

Ook de trein wordt gebruikt voor transport van fruit en groenten. Twee jaar geleden startte het testproject Cool Rail met een treinverbinding tussen Valencia en Keulen voor Spaanse groenten en fruit. Supermarkten als Albert Heijn en Colruyt Group stapten mee op de trein om een CO2-neutraler transport te krijgen.

Teelt en waterverbruik

nicole-harrington-58566-unsplash

Nog bepalender voor de CO2-voetafdruk van groenten en fruit is de wijze waarop ze geteeld zijn. Een Belgische tomaat legt bijvoorbeeld weinig kilometers af, maar verbruikt wel véél meer energie wanneer die in een verwarmde serre is gekweekt. Je hebt tot 11 keer meer energie nodig voor een kilo tomaten, tenzij er groene energie gebruikt werd voor de opwarming. Bij het gebruik van warmtekrachtkoppeling is de uitstoot zelfs kleiner.

Tot slot mag je ook andere soorten vervuiling en het waterverbruik niet over het hoofd zien. Sommige groenten en fruit hebben bij hun teelt meer water nodig dan andere gewassen. En ook de vervuiling door chemische stoffen is een belangrijke factor. Bioteelt heeft in dat geval het voordeel dat er geen chemische producten worden gebruikt en dat ze geen genetisch gemodificeerde organismen (ggo’s) bevatten.

Door het bos de fruitboom zien…

george-kantartzis-515602-unsplash

Het milieuvriendelijke verhaal van groenten en fruit is dus erg genuanceerd en complex. Verschillende factoren bepalen de impact van een gewas op ons milieu. Als je toch een milieubewuste keuze wil maken in de supermarkt, kun je alvast seizoensgebonden producten kopen.

De Nederlandse milieu-organisatie Milieu Centraal ontwikkelde een handige website en tool die aangeeft wanneer je welke groenten en fruit kan eten. Hierbij houdt de website rekening met onder meer de locatie van de teelt, het transport en de periode. Want een bewuste keuze is meestal een geïnformeerde keuze. 

Tussen ‘trek je plan’ en ‘ik neem je over’

Verpleegster bindt de pols in van een patiënt

Het individu dat patiënt wordt, wil steeds meer zeggenschap, meer baas zijn over eigen ‘wezen’,  meer inzage in zijn beschikbare gezondheidsgegevens.

De patiënt gaat zelf op zoek, stelt zich kritisch op, wil inspraak en probeert bij uitstek de regie van zijn gezondheid en welbevinden in eigen handen te nemen. Bovendien wil hij zich ondersteund en geborgen weten in precaire episodes. Patient centered care is het antwoord hierop − stelt de maatschappij − ofte patiëntparticipatie, patiënt- en mantelzorgempowerment, responsabilisering.    Het zijn hippe begrippen die de medische wereld, zorginstellingen en -professionals en paramedici niet onbewogen laten. Het zet hen ertoe om de patiënt meer contextgebonden en op maat te benaderen. Een utopie of een (beginnende) realiteit? 

Patient centered care is een model waarbij respect voor de waarden, voorkeuren en noden van de patiënt centraal staan. Waar aandacht is voor coördinatie en integratie van de zorg, vooral in kwetsbare periodes of van machteloosheid. Goede informatie en dialoog krijgen evenzeer een plaats om de juiste beslissingen te kunnen nemen. Er is ruimte voor educatie om maximale autonomie en zelfzorg te vrijwaren en te faciliteren. Emotionele ondersteuning krijgt aandacht en angsten worden omgebogen. En ten slotte is het ook een model waar patiënt, familie en vrienden betrokken worden en support krijgen, en zorgtoegankelijkheid en transmurale continuïteit gegarandeerd worden. 

“Het is continu balanceren tussen loslaten en ondersteunen.” 

 

Patient-centered vergt van medici, paramedici en zorgverleners, naast up-to-date vakkennis en vakbekwaamheid, echte luisterbereidheid en een grote dosis professioneel empathisch vermogen. Het eigen referentiekader moet opzij worden gezet en er moet op elk moment verantwoord gehandeld worden, in alle respect voor en in dialoog met het individu. Noden zijn immers vaak wisselend naargelang de episode in het patiënt-zijn. 

Het is continu balanceren tussen loslaten en ondersteunen, dichtbij zijn en op afstand volgen, laten beslissen en mee beslissingen nemen, informeren, responsabiliseren en educeren, initiatief nemen en laten nemen, volgen en sturen. Zo zorg je ervoor dat de patiënt, de zorgomgeving en uiteindelijk ook de maatschappij er beter van wordt.     

Het is die attitude en een cultuur van kennen, kunnen, maar vooral van ‘zijn’ en ‘doen’ die je je als zorgverlener, paramedicus, medicus en zelfs als zorgstelling eigen moet maken, wil je niet vervallen in extremen van ‘trek je plan’ of ‘ik neem je over’. Dat is geen evident proces, maar wel een dat voor iedereen voldoening geeft omdat het vertrekt vanuit de kern van zorg verlenen: de respectvolle relatie met en tot de patiënt. 

Drie vragen aan… Heytens

heytens

Hoe maakt een raamdecoratiewinkel, zoals Heytens, zich op voor de toekomst?
“Als specialist in raamdecoratie – een van de weinige winkels die trouwens nog binnen een niche handelt – richten wij onze winkels tegenwoordig veel vaker in volgens een jong en modern concept. Dat wil zeggen: heel ruim en met heel veel licht.”

Wat zijn de opmerkelijke, nieuwe producten?
“Venetiaanse stores en rolgordijnen zijn erg populair tegenwoordig. Ze komen vaak in hoogkwalitatieve materialen die makkelijk te onderhouden zijn. Die producten beantwoorden aan de behoefte van nieuwe constructies: zo worden ramen steeds groter en hoger. Ons assortiment heeft bijvoorbeeld ook het voordeel van een bewegingsmotorisatiesysteem te hebben, met afstandsbediening en app.”

Hoe kun je je onderscheiden van de concurrentie?
“Internet is de grootste concurrent, maar op maat gemaakte kwaliteit en service blijven sterke troeven. In raamdecoratie komt meestal heel wat meer bij kijken dan mensen denken, er komen heel wat technische aspecten bij kijken. Alleen al correct maten opnemen en de beste oplossingen kiezen voor ieder raam, dat is bijvoorbeeld lang niet zo evident als mensen denken.”

Wat zijn de trends in tegels?

Keramiek door Artstone

Net zoals kleding, schoenen en de kleur van auto’s zijn ook tegels (of ze nu van natuursteen, keramiek of beton zijn) aan trends en modes onderhevig. Wat zijn de nieuwste tendensen binnen en buiten? En wat is er belangrijk wanneer je tegels gaat kiezen? Ann De Schutter, commercieel directeur van de tegelfabrikant Artstone geeft tekst en uitleg.

Niet alleen zijn er trends en modes in tegels, de laatste jaren volgen die mekaar ook alsmaar sneller op, zegt Ann. “Tegenwoordig zien we bijvoorbeeld vaak stenen in een groot formaat, die zonder voegen gelegd worden. Dat geeft niet alleen het optische effect dat ruimten en oppervlakten groter lijken, het is ook onderhoudsvriendelijk. Er wordt sowieso trouwens meer verhard tegenwoordig, zeker in tuinen, mensen hebben immers geen zin meer in gras afrijden. Het enige waar je dan wel op moet letten, is dat het regenwater nog goed infiltreert in de bodem. Gelukkig bestaan daar nu prima oplossingen voor.”

De look van buiten, ook binnen

Kandidaat-bouwers en verbouwers zoeken tegenwoordig ook graag eenheid op tussen hun tuin en het interieur van hun huis, zegt Ann. “Op die manier vormen binnen en buiten één uniform geheel. Soms gaat het zelfs zo ver dat de looks buiten dicteren hoe het er binnen aan toe gaat. Andere klanten kiezen dan weer graag het compleet tegenovergestelde: binnen bijvoorbeeld rustiek, maar buiten dan weer een stuk strakker. Niet iedereen is daar voor te vinden, maar je vermijdt zo alvast dat het allemaal een beetje eenheidsworst wordt.”

Klanten laten zich tegenwoordig ook graag adviseren door specialisten, zegt Ann. Wat niet verwonderlijk is: door de hoeveelheid aan soorten, kleuren, materialen en dikten van de steen, zien veel mensen door de bomen het bos niet meer. “Wij noemen dat ‘sleutel-op-de-tuinpoort’”, lacht de commercieel directeur. “De meeste mensen worden graag intensief begeleid en ik beschouw dat ook als een belangrijk deel van onze taak: creatief meedenken met de architect of aannemer, helpen bij de keuze van de juiste plaatser, de coördinatie van de werken op ons nemen… Dat is een belangrijke service naar de klant toe.”

Belgische blauwe hardsteen, een klassieker

Wat producten betreft, blijft de Belgische blauwe hardsteen een absolute topper, klinkt het. “Belgische blauwe hardsteen is al jarenlang een klassieker en dat blijft zo”, legt Ann uit. “Het is een duurzaam product van absolute topkwaliteit en veel mensen houden ook van het ‘Belgische’ verhaal dat erachter zit. Tegenwoordig komt zijn prijs ook dichter en dichter in de buurt van de Chinese en Vietnamese stenen, dus daar hoef je het ook niet meer voor te laten. Het voordeel is ook dat Belgische blauwe hardsteen mooi veroudert. Chinese blauwe steen kan na enkele jaren een bruine ‘waas’ krijgen. De Vietnamese heeft daar weer minder last van.”

In keramiek zijn dan weer de tegels in een betonlook erg populair, weet Ann. Ook hier weer in grote formaten. “We kunnen daarin tot zelfs 1,22 op 1,22 meter gaan. Voor opritten, met tegels die 3 centimeter dik zijn, gaat het tot 96 op 96 centimeter. Ook in het interieur plaatsen we dit soort tegels meer en meer. Ze bestaan in een dikte van drie millimeter die we als een plaat bovenop de vloer kunnen leggen, zonder breken. Dat is dus zeer handig als je gaat verbouwen. Ze hebben ook een heel prettig gevoel als je er over loopt, een beetje tussen vinyl en beton in. Een andere trend die in is, zijn de pure witte tegels, dan krijg je natuurlijk meteen een heel strakke look in je huis. Al is puur wit nu vooral nog iets dat je in zuiderse landen tegenkomt, Belgische en Nederlandse klanten kiezen meestal wat traditionelere kleuren.”


MEER OVER…

Artstone is sinds 1970 als familiebedrijf verder uitgegroeid tot een aanbieder met meerdere winkels in Vlaanderen, met showrooms en toonparken die voor de eindgebruiker en de tuinarchitect, tuinaannemer, de meest recente, meest kwalitatieve mogelijkheden voor buiten- en binnenvloer op de beste en meest voordelige wijze op de markt brengt. De aanpak is anders en gericht op effectieve begeleiding in keuze en plaatsing. Het netwerk van plaatsers is de laatste jaren dan ook stevig en vertrouwenswaardig.

 

 

 

 

 

’t Zit vanbinnen 


vanbinnen interieur

Iedereen wil van een huis een thuis maken. Een plek die weerspiegelt wie je bent en wat je belangrijk vindt. Deze drie experts zorgen alvast voor wat inspiratie, door dieper in te gaan op wat een modern, industrieel of landelijk interieur definieert.


Katleen Willaert.
Lucid
Moderne woonstijl


Welke typische elementen vormen deze woonstijl?
“Een moderne woonstijl was vroeger heel strak en afgelijnd. Nu geldt het tegenovergestelde: er worden net veel organische vormen gebruikt. Eigenlijk is een moderne woonstijl tegenwoordig vooral een mix van texturen, kleuren en materialen. Je kunt perfect beton, vintage en bling bling naast elkaar gebruiken. Glas en metaal blijven in, maar worden ook afgewisseld met gekreukt linnen of hout. Het kan allemaal. En dat is misschien wel het belangrijkste. Niks is saaier dan een showroomwoning
een beetje gekheid mag. Ook in de kleuren komt die afwisseling terug. Diepe, warme kleuren worden vaak gecombineerd met een natuurlijke basis of meubelstukken met een degradé-effect.”

Wat mag er zeker niet ontbreken in dit soort interieur?
“Ik denk niet zozeer in key pieces. Want in het ene interieur is een bijzondere sofa dé eyecatcher, terwijl dat bij iemand anders een ongelooflijk mooi kunstwerk, een opvallend tapijt of een antieke kast kan zijn. Het is een kunst om enkele goede basisstukken te zoeken die in jouw huis passen. En dat gaat traag, ja. Een interieur moet groeien. Het is onmogelijk om een persoonlijk interieur in één shoppingbeurt te kopen. Het is trouwens niet altijd nodig om nieuwe meubels bij te kopen als je je huis een andere look wil geven. Want een interieur is niet statisch, je mag er mee schuiven. Soms krijg je al een heel ander effect als je een kast of zetel verschuift.”

Wat kan dit type interieur over iemand zeggen?
“In het beste geval weerspiegelt een interieur volledig wie de bewoners zijn. Je kunt er hun geschiedenis in lezen, hun passies, welke reizen ze hebben gedaan… Alles, eigenlijk. Niet dat je je hele huis vol moet zetten met kleine prulletjes of souvenirs, maar je moet wel nadenken over wat je belangrijk vindt. Is dat gezellig tafelen met zo veel mogelijk vrienden? Geef dan je eetkamer alle aandacht. Vind je tafelen helemaal niet belangrijk, maar ben je wel een verwoed lezer? Richt dan een mooie leeshoek in. Durf ook zelf aan de slag te gaan: de cursussen keramiek, tuften of weven zijn niet te tellen. En er is niks zo persoonlijk als een zelfgemaakt object.”


 

Wim Vissers.
Fish Design

Industriële woonstijl


Wat zijn de typische elementen die deze woonstijl vormen?
“Een industrieel interieur is een warm en robuust interieur, dat doorleefd is. Eentje met een heel puur design. Het is typisch om in een industrieel interieur alledaagse materialen te gebruiken, zoals hout en metaal. Het verschil is dat je kiest voor materiaal dat eigenlijk niet bedoeld is om in je huis te gebruiken. Ik denk bijvoorbeeld aan het leggen van de vloer van een treinwagon in je keuken, of dat je de constructiebalken van een oude schuur gebruikt in je badkamer. Ook staal is onmisbaar in een industriële woning, liefst met wat roest op. Kleuraccenten maken een industriële woning luchtig en warmer. Het contrast van kleuren met de andere materialen maken er een mooi geheel van.”

Wat mag er zeker niet ontbreken in dit soort interieur?
“Een robuuste en grote tafel is voor mij onmisbaar in een industrieel interieur. Ze vormt het middelpunt van gezelligheid en samenhorigheid. Zo’n tafel is het hart van je woning. En vanuit dat hart wordt de stijl verder gepompt naar de rest van je interieur. En als de tafel het hart is, dan is de keuken zoals de longen: even belangrijk en vaak vlakbij het hart.”

Wat kan dit type interieur over iemand zeggen?
“Wie kiest voor een industrieel interieur, houdt vooral van de authentieke sfeer ervan. De stijl is de laatste jaren populairder geworden. Wie een industrieel ingerichte woning wil, kiest voor spullen die al een leven gehad hebben. Vaak ga je met dit type woonst ook bewust de strijd aan met de wegwerpindustrie. Liefhebbers van een industrieel interieur willen warmte en sfeer in hun huis, maar met een hoek af. Ze zijn op zoek naar een niet-alledaags meubelstuk of origineel materiaal. Ze willen iets anders: een mooi geheel, maar niet afgeborsteld. Een strakke vormgeving, maar met een ziel.”


Marie Masureel.
Auteur ‘Sfeervol wonen op het ritme van de natuur’
Landelijke woonstijl


Welke typische elementen vormen deze woonstijl?
“Veel mensen denken bij een landelijk interieur aan taupe en greige, maar dat is maar een aspect ervan. De landelijke stijl haalt haar inspiratie uit de natuur. In een landelijk ingerichte woning vind je dus geen kunststoffen, maar wel hout, linnen en dierenvachten. En de natuur is ook heel kleurrijk. Zo bestaat er in de landelijke stijl de Ibizastijl, met veel turquoise als verwijzing naar de zee. In de Scandinavische stijl komt dan weer veel wit terug, om het licht maximaal te kunnen benutten. Wat centraal staat in elke landelijke woning is de wisselwerking tussen interieur en exterieur. Daarom zal je er nooit felle kleuren zoals neon terugvinden.”

Wat mag er zeker niet ontbreken in dit soort interieur?
“Een landelijke, natuurlijke stijl moet rust en gezelligheid uitstralen. Daarom is een lange houten tafel onmisbaar. Ze is het belangrijkste element in het hart van een landelijke woning: de leefkeuken. Het is de plaats waar eten bereid wordt, maar waar je ook gasten kunt ontvangen of waar kinderen hun huiswerk maken. Het is een plaats waar echt geleefd wordt. In een landelijke woning is de keuken erg belangrijk. Ook hier hoort een lange houten tafel, met banken, krukjes of stoelen, er echt bij. Een ander onmisbaar key piece is de haard, liefst dan ook nog een authentieke open haard. Gezelligheid verzekerd!”

Wat kan dit type interieur over iemand zeggen?
“Mensen die een landelijk interieur willen, gaan op zoek naar een tijdloze schoonheid, gezelligheid en rust. Door natuurlijke materialen en kleuren te gebruiken, haal je de rust van de natuur in huis. Daardoor kun je het hectische dagelijkse leven even achter je laten. Wie kiest voor landelijk wonen, wil het goede van het leven vieren: samenzijn met vrienden, een goed glas wijn drinken of gezellig koken op een retro fornuis. Maar ze willen ook gewoon kunnen genieten van een rustig moment thuis en met een dampende kop chocolademelk onder een zachte wollen plaid kruipen, terwijl de haard gezellig brandt.”



Véronique Bancell.
Directrice d’achats de décoration Maisons Du Monde
Azuki-woontrend 

Wat zijn de typische elementen van deze decoratiestijl?
“De Azuki-trend komt rechtstreeks overgewaaid vanuit Japan. Japan is een land dat ons altijd heeft geïnspireerd met zijn minimalisme, zijn strakke lijnen en zijn nobele materialen. De bloemenmotieven, uiteraard met de beroemde kersenbloesems, hebben de voorbije jaren een ware comeback gemaakt. Het is echter belangrijk om er zuinig mee te zijn. Het is bijvoorbeeld mooi om ze hier en daar terug te zien op de kussens, als muurdecoratie en, waarom niet, op stoffen stoelen. Voor de meubels in uw woning kiest u dan voor sobere kleuren en afgeronde vormen met een sterk zen-karakter.”

Wat is onmisbaar in een dergelijk interieur?
“Dit type interieur vereist zeker en vast verfijnde etsen, artisanale keramiek en poëtische kalligrafieën. Het gaat hier ten slotte om een heel zacht vrouwelijk universum waar baksteenrood of terracotta gecombineerd worden met kopergroen. In dit universum zorgt een vleugje zwart voor uitstraling en elegantie. Natuurlijke materialen genieten duidelijk de voorkeur: bamboe, rotan of gegraveerd hout voor de decoratie, maar ook fluweel, linnen of geruwd katoen voor het textiel. De ingeslagen weg wordt vaak verdergezet in de prints dankzij de bloemenmotieven en geometrische motieven die verwijzen naar Japans papier en die je als het ware doen wegdromen.”

Wat zegt dit type interieur over iemand?
“Dit type interieur laat een briesje van sereniteit waaien doorheen de hele decoratie. Dat is een feit! Het gaat om oog voor detail, delicate motieven en harmonie die u uitnodigen om uw tijd te nemen. In een dergelijke omgeving kunt u zich alleen maar goed voelen. We kunnen ons perfect voorstellen hoe iemand zich in een dergelijk interieur helemaal overgeeft aan het samenstellen van een mooie ruiker bloemen, de tijd neemt om te genieten van een kop thee of even te mediteren. Ten slotte is dit meer dan een gewone trend, het betreft een ware verfijnde en gevoelige levenskunst waarbij de harmonie van vormen en kleuren uitnodigt tot rust en welzijn.”

Cocoonen met technologie

technologie stofzuiger

Waarom zou je je leven lastig maken als je het ook op een lekker luxueuze manier kunt organiseren, structureren en commanderen? Dankzij het Internet of Things kun je nu heel je huis vanop afstand bedienen, zelfs met enkel je stem als tool.

“Honey, I’m coming home!” De honey in dit scenario betreft je besturingssysteem dat meteen in actie schiet wanneer het thuiskomen een halfuur eerder geanticipeerd wordt. De rolluiken gaan neer, de verlichting gaat aan, de verwarming schiet in cosy modus. De koerier die je overdag via je slimme deurbel op je smartphone voor de deur hebt zien staan, heeft je pakketje ondertussen keurig aan de achterdeur gezet, zoals je – live en op afstand – gevraagd hebt toen hij aanbelde. Eens thuis, loopt je bad vol en speelt je lievelingsmuziek. Het is netjes in huis, de stofzuigerrobot heeft immers zijn rondes gedraaid, en de boodschappen zijn besteld door je slimme koelkast.

Alles geconnecteerd

Futuristisch is dat alles al enige tijd niet meer. Vandaag is al die slimme technologie bijna vanzelfsprekend geworden. “Wat een paar jaar terug nog onder de noemer ‘domotica’ viel, is veel eenvoudiger én betaalbaarder geworden”, zegt Dirk Gaudeus, innovation coach van Living Tomorrow. “Vroeger was alles sterk merkgebonden en door één centrale computer gestuurd. Met het Internet of Things is nu alles geconnecteerd en merkonafhankelijk.” Dat maakt dat je vandaag bijna alle functionaliteiten van je woning met je stem kunt bedienen en de status ervan kunt opvolgen via een app. Dat impliceert natuurlijk ook dat alles goed beveiligd moet zijn. Met een pincode, bijvoorbeeld. Het spraakherkenningssysteem moet best ook waterdicht zijn, anders kunnen toestellen een eigen leven leiden wanneer ze bijvoorbeeld een tv-gesprek voor een commando aanzien. “Smart living verhoogt niet alleen je comfort, het zorgt ook voor meer veiligheid, een lager en efficiënter energieverbruik én maakt dat mensen langer autonoom in hun eigen huis kunnen blijven wonen”, besluit Gaudeus.

Gemak in stappen

Waar ‘domotica’ nog erg complex en duur was – precies de reden waarom het ook nooit echt van de grond gekomen is – kun je vandaag heel wat zelf installeren, met een veel kleiner budget. “Je kunt ook in fasen werken en geleidelijk aan meer connecteren. Zo doseer je je budget.” Al die luxe en comfort is natuurlijk heerlijk, maar even belangrijk voor je interieur is het aspect gezelligheid. En daarin speelt verlichting de hoofdrol. “Vandaag kies je niet alleen de lichtintensiteit, maar vooral de lichtkleur”, legt Luc Lenaerts van Detelec Lichtdesign uit. “Die bepaalt de mood, de stemming in huis.”

 

“We kunnen perfect een kantoorruimte zo inrichten dat er dubbel zo hard gewerkt wordt.”
Luc Lenaerts, Detelec Lichtdesign

Licht-elijk aanpassen

Stel, je komt thuis, opent de deur met een badge en de ingebouwde aanwezigheidssensor weet meteen dat jij het bent. Je ploft neer op de bank, zet de tv aan en de sensor geeft je vanzelf een sfeerverlichting van 2.700 kelvin. Wat later komt je partner thuis, die met de boodschappen naar de keuken wandelt. Daar gaat het licht vanzelf aan – 4.000 kelvin deze keer. De sensor weet dat de boodschappen zo meteen opborgen zullen worden en het eten bereid wordt. We zijn ons niet bewust van de lichtkleur, weet Lenaerts, maar het is wetenschappelijk bewezen dat de kleur van het licht je gedrag beïnvloedt. “Zo zijn wij bijvoorbeeld perfect in staat om een kantoorruimte zo in te richten dat er dubbel zo hard gewerkt wordt.” Ook in supermarkten kan de juiste lichtkleur ervoor zorgen dat klanten meer in hun winkelkarretje laden.

Vanop afstand

Alles is bovendien via bluetooth te bedienen. Zelfs vanuit het buitenland. Je kunt dus perfect vanop afstand de lichten aan en uit doen of de rolluiken op en neer laten om je huis een bewoonde indruk te geven als je met vakantie bent. En je kunt de bediening zo programmeren dat zelfs je moeder, de poetsvrouw of de babysit geen handleiding nodig heeft. Een laatste troef is beveiliging. Want er wacht een ongewenste bezoeker een onaangename verwelkoming, met een hels alarmsignaal en een stroboscopisch lichtspel waar de indringer gegarandeerd knetter van wordt.

Inzichten bij het inrichten

Bart Appeltans, interieur

Iedere ruimte is anders. En daarom is er maar één hoofdregel. Zorg dat de keuzes die je maakt, steeds afgestemd zijn op de kenmerken lichtinval, vorm, hoogte van je plafond van de kamer die je gaat inrichten.

Alles begint met de juiste keuze van meubilair. Je eettafel en zitbank zijn de grootste items in je leefruimte. Zorg er dus voor dat die steeds in verhouding zijn met de ruimte: een robuuste diepe zitbank komt het best tot zijn recht in een grote open ruimte. Een compactere ruimte vraagt dan weer een ondiepere zitbank, liefst op pootjes. Meubilair lostrekken van de vloer creëert immers een ruimtegevoel. Een wandkast opgehangen, stoelen of een tafel op pootjes geven ook een fijnere indruk. Een grote ruimte daarentegen vraagt enkele zwaardere meubelstukken die de vloer raken. Hier met te veel kleinere items werken, maakt het geheel te druk en gefragmenteerd.

Let op overkill
Hetzelfde principe geldt voor het gebruik van patronen en kleuren. Ieder patroon, voegen van tegelwerk, felle kleuren… doorbreken de rust en het ruimte-effect. Werk in een compacte ruimte met naadloze vloeren, grote tegelformaten en brede parketplanken. Kleur en textuur leg je beter in accenten als decoratie en kleinere meubelitems. Werk je toch graag met patronen, dan zorgen kleine tegeltjes of drukke prints ervoor dat je materiaal helemaal de ster van de ruimte wordt. Hou al de rest wel sober. Ook in een grote ruimte moet je opletten dat het gebruik van kleuren en patronen geen overkill wordt. Je kunt zones creëren met roomdividers, open vakkenkasten en los meubilair. Zo kan iedere hoek in een grote ruimte een eigen verrassend element tonen.

“Durf out of the box denken, weg van traditionele opstellingen. Je stelt je interieur immers samen voor jezelf of je gezin.”

Denk na over flow
Start ook steeds met het kiezen van de elementen met de meeste impact. Je vloer moet immers bij alles matchen en je grote meubelstukken krijgen de meeste aandacht. Bouw daarrond je materialen- en kleurenpallet verder op. Denk ook goed na over de flow van je ruimte. Zo kun je in een grote ruimte je meubilair meer losplaatsen van de muur. Kies dan wel meubelstukken die ook interessant zijn aan de achterzijde, bijvoorbeeld een zitbank met een open stuk waar een tafeltje langs kan staan. In een compacte ruimte moet je vooral opletten dat je de circulatie beperkt tot het hoogstnodige. Zet daarom eens een bank met tafel tegen de wand. Zo hoef je geen circulatie te voorzien rondom je hele eetplek en zal je kamer veel ruimer tonen.

Laat het plaatje kloppen
Durf tenslotte ook out of the box denken, weg van traditionele opstellingen. Je stelt je interieur immers samen voor jezelf of je gezin. Een extra leeshoekje, werkplek in de woonruimte, speeltafel voor de kinderen of zone voor je huisdier? Richt je ruimte vooral in hoe jij er het meeste plezier van zal hebben. En voor je eraan begint, zorg dat je een plan in je hoofd hebt. Doe wat opzoekwerk, kies een bepaalde sfeer of stijl en ga gericht op zoek. Heel wat spullen en materialen die je tegenkomt in je zoektocht zullen je bevallen. Maar de juiste spullen samenbrengen zorgt er pas voor dat het plaatje echt klopt.

Kleur, karakter en vakmanschap

Gert Voorjans, Architectural Design Practise

Er wordt mij regelmatig de vraag gesteld wat ‘interieur’ voor mij betekent en wat het inhoudt. Voor mij is het begrip ‘interieur’ te beperkend; voor mij gaat het over wat we weten, wat we denken te weten en wat we denken te zijn vergeten.

De realisatie van een geslaagd interieur komt in eerste instantie voort uit een natuurlijk proces dat tijd nodig heeft. Het is een opsomming van de verschillende lagen de materialen en kleuren die uiteindelijk één worden.

Homely homes

Eerst en voor vooral wil ik ‘homely homes’ maken, die geheel de levensstijl van de bewoners weergeeft. Een duidelijke reflectie van hun interesses en activiteiten, hoe ze in het leven staan en het ervaren. Concreet houdt dat voor mij in dat er bijvoorbeeld geen enorme Amerikaanse inox koelkast en 6-pits gasfornuis met dubbele oven in de keuken nodig is als je meestal uit eten gaat. Of als de kinderen nog in huis wonen of je bent een fervent postzegelverzamelaar, dan mag én moet dat zichtbaar zijn. Maak er geen al te cleane showrooms van, bemeubeld met enkel designstukken uit de catalogus, maar zorg bijvoorbeeld wel voor een evenwichtige combinatie van een gewaardeerd familiestuk, een (modern) kunstwerk en een op eerste zicht banaal stuk, dat door het op te knappen een tweede leven krijgt.

“Een interieur moet een meerwaarde zijn voor een unieke thuisbeleving.”

Unieke thuisbeleving

Een interieur moet uiteindelijk een meerwaarde zijn voor een unieke thuisbeleving. Een oase voor vrienden en familie, een barrière voor de drukke samenleving die we daarbuiten ervaren. Alle ruimtes moeten één gegeven worden. Om dat te vrijwaren heeft een interieur constant energie en inspanning nodig. Elk seizoen is anders, dus moet er ook telkens een andere energie door het huis waaien.

Herinneringen maken een huis

Je interieur moet een rustpunt zijn, een herinnering aan een kamer uit onze kindertijd, een oude tempel of een paleis uit de Renaissance die we ooit bezochten. Een ver parfum, een vergeten kleur, een geluid dat we ‘s nachts hoorden en waarmee de herinnering terugkomt. Herinneringen kunnen sterk zijn, maar soms verdwijnen ze en leven ze in een geheime kamer in onze gedachten. Tegelijkertijd vormen ze een loflied, een hymne tot de vergeten mensen en bijna vergeten technieken: de wevers, de timmerlieden, schilders, meubelmakers en alle alchemisten die een kamer maken tot wat we willen dat het is: een huis. Een plaats om te onthouden, een plek om het verleden en de toekomst op te slaan. Voor mij een eer om daar een facet van te vormen. Dat is voor mij colour, character en craftsmanship.


3 vragen aan… Paintfactory

interieurtrends

Welke interieurtrends zijn out en welke zijn helemaal in?
“Een paar jaar geleden waren we met zijn allen compleet gek van een landelijk interieur. Of dan weer net het omgekeerde: strakke, witte hoogglansmeubelen. Die trends hebben plaats gemaakt voor een interieur in een iets meer urban style, met plaats voor veel groene planten en natuurlijke, duurzame materialen.

Woningen worden ook kleiner. Heeft dat effect op de inrichting van onze huizen?
“We wonen inderdaad steeds kleiner, maar we kiezen ervoor om onze woningen comfortabel en warm in te richten. Denk aan veel kussens op het bed en luxueus behangpapier aan de muur, of een gezellige open keuken waar vrienden en familie zich helemaal welkom voelen. Warme kleuren zoals terracotta, houten vloeren en marmeren accenten maken het geheel af. En goud en messing maken plaats voor hout en authentieke meubelen.”

Wat is de ultieme interieurtip?
‘De belangrijkste tip die ik je kan geven: alles kan en mag. Doe gewoon je eigen ding. Het is net leuk om te mixen en matchen.’

Spullen-hulp:
 kiezen voor duurzame materialen

duurzame materialen interieur

Weg uit de wegwerpmaatschappij? Daarvoor hoef je niet per se te ‘ontspullen’, maar kun je evengoed herspullen. Mooie en tegelijk duurzame materialen kunnen al heel wat meer diepgang aan je interieur geven… en zo dus ook aan je leven.


In feite kun je twee kanten op als je een duurzamere look du maison wil. Optie één: je bekijkt je bezittingen met een kritische blik en geeft je spullen een nieuw leven. Of, je kiest van meet af aan voor kwalitatieve en duurzame materialen. Het grote voordeel is dat die vaker een lang(er) leven beschoren zijn, onderhoudsvriendelijk zijn en niet per se meer hoeven te kosten. Trouwens, je komt duurder uit met goedkope spullen die je om de zoveel tijd moet vervangen, dan met degelijke dingen die een langere levenscyclus hebben. Als je er daarnaast ook nog eens in slaagt om voor mooie materialen te kiezen die qua stijl en tinten helemaal op jouw lijf geschreven zijn, dan wordt je huis in no-time een thuis.

Rond en marmer

Maar over welke mooie, duurzame materialen gaat het dan precies? Anky Jans, binnenhuisarchitecte en medeverantwoordelijke aankoop bij Interieur Plus Design, was met haar collega Sven Mertens recent nog op de grootste interieurbeurs van Milaan. “Wat ons meteen opgevallen was, is de retour van ronde tafels en de heropleving van marmer”, vertelt Jans. “Marmer doet het vandaag erg goed voor eettafels, salontafels, bijzettafels… En niet per se voor een klassiek interieur, het komt even goed tot zijn recht in een strakke omgeving. De minimalistische inrichting van een paar jaar terug is hoe dan ook passé.”

Ook keramiek blijkt bijzonder populair. En om dat niet te zwaar te maken, zie je nu eerder kleinere bijzettafeltjes dan grote salonblokken. Die zijn modulair inzetbaar. “Messing is een andere opvallende topper, voor pootjes, handgrepen, accessoires, tot zelfs bestek toe”, weet Jans nog. Hoogwaardige materialen hoeven niet per se duurder te zijn. Een mooi voorbeeld daarvan zijn de toepassingen waarbij massief eiken van een tafelblad bijvoorbeeld vervangen worden door een dikke soort fineer van het authentieke hout. Zelfde look maar minder materiaal, minder zwaar en dus ook een lagere prijs.

“Bouw vooraf al doorgroeimogelijkheden in.”
Klaas Froyen, Froyen-Zeitler


Wat beide ontwerpers ook opmerkten, zijn groene tinten, veel planten, bladprints en natuurlijke kleuren. Denk aardetinten en cognac. Behang doet het nog steeds erg goed, voor een accentmuur of een volledige ruimte. Jans: “Prints zijn doorgaans extremer en dus ook sneller verdwenen. Eerder een rage of een blikvanger in een winkelpunt. Want de meeste mensen willen echt geen jaren tegen flamingo’s of toekans aankijken.” Veel minder aanwezig, tenslotte, is leder. Mensen eten minder vlees, er zijn minder dierenhuiden en het kleinere aanbod duwt de prijzen dan ook aanzienlijk de hoogte in.

Kwaliteit en duurzaamheid zijn ook voor Klaas Froyen van Interieurbureau Froyen-Zeitler essentieel, maar voor hem begint alles met een goed ontwerp. “Eerst praten we uitvoerig met de mensen. We luisteren naar hun wensen en bekijken vooral het totaalplaatje”, legt Froyen uit. “Dat wil zeggen dat we ook toekomstige scenario’s voorzien, want we willen vermijden dat mensen kort na hun verbouwingen door een gewijzigde gezinssituatie – de kinderen die het huis uit zijn, bijvoorbeeld – helemaal opnieuw moeten beginnen. Wij bouwen dus vooraf al doorgroeimogelijkheden in.”

Investeer in het onzichtbare

Mensen hebben wel eens de neiging eerder geld te spenderen aan wat zichtbaar is, en dat is een fout waar Froyen mensen voor wil behoeden. “Wij overtuigen onze klanten bijvoorbeeld om te isoleren. Je ziet daar misschien niets van, maar je wint er wel bij. Je spaart er energiekosten mee uit en verhoogt je comfort. Niet onbelangrijk dus.” Een ander voorbeeld. Een nieuwe open haard is mooi, natuurlijk, maar misschien vervang je beter eerst je oude verwarmingsketel. “Dat soort advies helpt mensen om hun budget zo efficiënt mogelijk te besteden.”

Dan volgt het opmeten en de plannen uittekenen. Alles wordt tot in de details uitgewerkt en er worden zelfs 3D-tekeningen toegevoegd. “Die tonen perspectief en bieden een betere kijk op verhoudingen.” Pas dan volgt het eigenlijke ‘inrichten’, het kiezen van kleuren en stijlen. Zo vermijd je typische foutjes in je interieur of een weinig elegante mix van stijlen.

‘Comfort is uiteindelijk de grootste vorm van luxe’

Eric Kuster, Metropolitan Luxury

“Ik hou van de afwisseling van mijn job wat locaties, projecten en klanten betreft. Eigenlijk vind ik alles eraan leuk.” Die passie voor textiel, interieur en persoonlijkheid, alles waar zijn designlabel voor staat, komt duidelijk naar voor wanneer Eric Kuster aan het woord is.

Het bedrijf dat Eric Kuster twintig jaar geleden overnam als een kleine antiekwinkel is in tussentijd uitgegroeid tot Metropolitan Luxury. Een internationaal designlabel met een breed scala aan activiteiten: van het inrichten van hotels en huizen tot het creëren van meubels, textiel en zelfs een eigen interieurmagazine Entourage. Het werk wordt getypeerd door contrasten. “Ik ga telkens op zoek naar het contrast tussen klassieke en hedendaagse elementen, glanzende en matte materialen, goedkope en dure stukken. Die contrasten maken het werk telkens opnieuw interessant. Zo blijft het verrassend.”

Hoe zou je de stijl van je label in eigen woorden omschrijven?
“Eerst en vooral is het een heel internationale stijl die op veel verschillende manieren kan toegepast worden. Beeld je hier vooral een heel comfortabele stijl in, geïnspireerd op het gevoel dat je krijgt wanneer je binnenloopt of verblijft in een vijfsterrenhotel. Het is belangrijk dat het interieur erg leefbaar is op een luxueuze manier. Met luxueus bedoel ik dan dat wij bij klanten altijd alles proberen in te richten, in die mate dat alles aanwezig is wat ze nodig hebben: geurkaarsen, handdoeken, mooie bloemen… Op die manier voelt hun woning zo mooi en comfortabel aan als een hotel, maar dan in eigen huis. Dat is waar ‘Metropolitan luxury’ echt voor staat. Uiteindelijk is comfort de grootste vorm van luxe die je kunt hebben. De tijden van show off luxury zijn voorbij.”

Als die tijden van show off luxury voorbij zijn, waar kunnen we ons dan het komende jaar aan verwachten op vlak van stijlen binnen de interieursector?
“Luxe is voor iedereen een andere beleving, natuurlijk, maar wij proberen luxe eerder te creëren in de zin van een mooie ruimte waarin je prachtige stoffen en bijpassende materialen terugvindt. Eigenlijk helemaal niet meer de glitter en glamour van vroeger. Het komt dan misschien niet als een verrassing dat de nieuwe fase binnen de interieurwereld eerder in de richting van ingetogen chique gaat. Alles mag terug soberder. De komende jaren is alles meer gericht op een terugkeer naar de natuur. Je zal heel veel groen en planten zien in verschillende interieurs en het gebruik van materialen zoals sisal en raffia, of mooi zijde en linnen komt centraal te staan. Klanten willen in plaats van veel bling bling in hun interieur weer naar hun roots gaan.”

Wat de klanten willen, speelt een grote rol bij ‘Metropolitan Luxury’. Elk project is op maat gemaakt. Hoe gaan jullie hierbij te werk?
“Wel, naar de opdrachtgever luisteren is een van de belangrijkste aspecten om tot een geslaagd interieur te komen. Voor ons is een succesvol project een geslaagde vertaling van de persoonlijkheid en de wensen van de klant naar een passend interieur. Mensen komen bij ons aan met bepaalde ideeën en die bekijken we in combinatie met de architectuur van het gebouw, de locatie en het type bewoners. Zo achterhalen we hoe we de uitdaging het best aangaan. De architect van het gebouw is uiteindelijk het masterbrain van een project, daar moet je als designer mee op inspelen. De locatie is ook enorm belangrijk, want een huis in Spanje vraagt natuurlijk om een andere inrichting dan een huis in Duitsland of in Zweden. Het type bewoners vertelt ons dan weer veel over de mogelijkheden. Een huis voor een gezin moet anders uitgerust zijn dan dat van een alleenstaande. Sommige klanten hebben ook meerdere huizen op verschillende locaties. Dan is het de uitdaging om dezelfde persoonlijkheid telkens op een andere manier uit te werken in een interieur.”

 

“De mensen willen geen bling bling in hun interieur, ze willen weer naar hun roots gaan.”

Denk je dat die persoonlijke aanpak jullie unique selling point is?
“Ik denk dat het label hierin wel een verschil maakt. Soms hebben mensen een fout beeld van interieurdesigners en denken klanten dat ze zelf niets te zeggen hebben. Dat is helemaal niet het geval bij ons, wij luisteren echt naar hen. Daarnaast vinden wij het essentieel dat alle projecten die wij afleveren volledig duurzaam zijn. Duurzaam als in: ze gaan een heel lange tijd mee. We zijn geen groen label, maar zijn wel bewust bezig met de keuze van onze materialen. Als je een zetel bij ons koopt, moet je daar binnen 20 jaar nog steeds van kunnen genieten. Dat is voor ons een duurzame manier van produceren, zeker in een tijd waarin er overal wegwerpartikelen te vinden zijn. Wij willen kwalitatieve, mooie, life long lasting producten aanbieden. Klanten hebben bij ons ook levenslange garantie.”

Is er een bepaalde stijl of een specifiek ontwerp dat tot jouw favorieten behoort binnen de designwereld?
“Ik sluit me eigenlijk aan bij de fase waarin we nu terechtgekomen zijn in de interieurwereld. Het is fantastisch dat mensen teruggaan naar hun roots en op zoek gaan naar de traditionele bouwstructuren. Moderne, strakke ontwerpen met veel glas oogt zeker mooi, maar soms past dat niet helemaal in de omgeving. Ik ben fan van die traditionele architectuur en vind het leuk als mensen aan hun eigen cultuur vasthouden. Er zijn zoveel prachtige oude gebouwen die de tand des tijds hebben doorstaan, waaraan je ziet dat erin geleefd werd. Verder vind ik ook de algemene mid-century architectuur van de jaren 50 heel mooi. Alles in die stijl spreekt mij enorm aan. Onze showroom past qua interieur trouwens helemaal bij die laatste.”

Wat wil je in de komende jaren zeker nog bereiken met het label?
“Heel veel (lacht). Ik wil eigenlijk vooral mijn meubel- en textielcollectie wereldwijd bekend maken. Daar zijn we momenteel al heel hard mee bezig in Amerika, India, Thailand en toch ook nog meer in Europa. Dat is mijn grootste droom. Daarnaast zou ik nog een heel mooi hotel willen inrichten. Ik denk dan in de richting van een mooi stadshotel of een resort hotel. We zijn nu bijvoorbeeld bezig aan een prachtig strandhotel in Italië, dat is al een stap in die richting. En voor de rest draait het voor mij voornamelijk rond tevreden klanten. Dat is uiteindelijk het belangrijkste voor een succesvol bedrijf.”

SMART FACT

Wat als je geen interieurdesigner was geworden?
“Ik zou graag dj zijn. Het lijkt me fantastisch als je een groot publiek van 50.000 mensen kunt opzwepen en enthousiast maken. Dat moet een serieuze adrenaline boost geven. En zowel het reisaspect als het creatievere gedeelte zitten er dan bij, net zoals bij wat ik nu doe.”

Lees ook.