Agri & Food

Wie bang is voor de consument verzint inefficiënte prijzen

16.11.2020
door Fokus-online.be

Voor onze grote Waalse klant hebben we een overslagpunt op de Mechelse veiling. Het is eind 2019, ik had er juist 2 ton biologische butternuts afgezet die werden verkocht aan € 1,20 per kilogram. Er was wat tijd over en ik nam ogenschouw bij de zaal van klokverkoop van de niet-biogroenten.

Die klok begint aldaar ook op € 1,20 per kilogram en draait dan razendsnel naar beneden. Resultaten per partij: 22 cent; 18 cent; 19 cent; 25 cent, en ga zo maar verder. Het verschil in teeltkost tussen biologisch en gangbaar is hooguit 10 procent. Ik weet dat we minimaal 85 cent nodig hebben om gemiddeld aan € 18 per uur aan werkloon uit te komen.

Systeemfout in de prijsvorming

De zaal met de veilingklok biedt plaats aan minstens honderd inkopers die op het prijsdalingsknopje kunnen drukken. Er zaten er nu maar vier. Slechts een handjevol inkopers van multinationale spelers bepalen tegenwoordig de prijs voor de tuinbouwer. “Schaamte, waar is uw blos!”, wilde ik roepen. Dat heb ik echter niet gedaan, want die inkopers hebben mogelijk geen besef en een vriendelijk gezin.

Er is een systeemfout binnengeslopen in de prijsvorming van ons voedsel. Tal van essentiële parameters om tot een fatsoenlijke prijs te komen, zijn tijdens de groene revolutie weggegooid. Het zijn slechts de kiloknallers en laagbetaalde buitenlandse landarbeiders die overblijven. Een nieuwe trend die ik ook nog zag verschijnen: Colruyt die landbouwgrond gaat verwerven om de lokale productie te verzekeren.

“De landbouwer is technisch superefficiënt geworden, maar economisch vreselijk inefficiënt.”

Uitgespeeld als marktdeelnemer

Landbouworganisaties uitten hun wantrouwen. Te veel rollen opnemen in de keten zou leiden tot economisch onevenwicht. Maar is dat wel zo? Door de enorme specialisatie en extreme groei hebben de hedendaagse land- en tuinbouwers het zo druk dat er nauwelijks nog tijd over is om bestuursfuncties op te nemen, zoals bijvoorbeeld de melkfabriek of de veiling. De landbouwer is technisch supereffiŽciënt geworden, maar economisch vreselijk ineffiŽciënt. Gewoonweg totaal uitgespeeld als marktdeelnemer.

In de biosector gaat dat niet anders, tenzij er innovatief wordt gehandeld. De hedendaagse landbouwer gaat als ondernemer niet alleen een voet in huis hebben bij de verwerking van zijn grondstoff’en, maar vooral bij het winkelgebeuren. In het voorbeeld van Colruyt, zeg ik: Het winkelketenbedrijf mag domiciliëren op mijn grond als ik mag domiciliëren in hun winkel.

Het bestaat reeds. Wanneer je bij een overdekte biomarkt in Brussel (e Barn) een pompoen koopt voor € 1,38 per kilogram, dan hebben wij die voor € 1,00 per kilogram aan hen verkocht en geleverd. Dat is goed voor ons en goed voor de consument. Open ondernemerschap en transparantie: dat geeft de consument vertrouwen.

Vorig artikel
Volgend artikel