R&D

Duurzaam ondernemen

30.09.2021
door Sophie Pycke

Ann Verlinden
Managing director
Catalisti

 

Wat houdt duurzaam ondernemen in binnen jullie cluster?

“Als speerpuntcluster voor de Vlaamse chemie- en kunststoffensector helpen we bedrijven om duurzaam te innoveren. We vertrekken van een innovatief idee van één van onze leden, zoeken de juiste innovatiepartners doorheen de hele chemische waardeketen, faciliteren de samenwerking tussen deze partners en stellen hen financiële middelen ter beschikking. Via onze projecten komen we tot duurzamere technologieën, processen en producten. Die leveren op hun beurt nieuwe businessopportuniteiten en economische meerwaarde op. Duurzaamheid is de rode draad, altijd. We werken bijvoorbeeld intensief rond thema’s als biogebaseerde chemie, procesintensificatie, duurzame producten en circulariteit. Bovendien is de chemie een basisindustrie die gelinkt is aan allerlei andere sectoren. De stappen die we in onze sector zetten, zijn dan ook een enabler voor bijkomende innovaties in de brede Vlaamse industrie.”

Hoe zouden jullie in de toekomst anders/beter kunnen investeren om nog duurzamer te ondernemen?

“Via onze projecten hebben heel wat duurzame innovaties reeds ingang gevonden in de industrie, en op dit succesvolle track record willen we verder bouwen. We reiken dan ook de hand uit naar alle bedrijven in de Vlaamse chemie- en kunststoffensector die innovatief aan de slag willen. Wij zorgen voor de juiste partners en de gepaste ondersteuning, zodat elk bedrijf zich kan blijven focussen op haar core business. Samen staan we sterker. In de toekomst zullen ook onderzoeksresultaten uit Moonshot, een industrieel innovatieprogramma van de Vlaamse overheid dat bedrijven helpt om hun CO2-uitstoot te verminderen en dat geregisseerd wordt door Catalisti, worden opgepikt door onze bedrijven. Zo evolueren we snel van basisonderzoek in het lab naar industriële implementatie. Kortom: we zetten klimaatambitie om in actie.”

Welke financiële ondersteuning is er voorzien om duurzaam te ondernemen?

“Catalisti heeft een eigen budget voor duurzame innovatieprojecten, gefinancierd vanuit het Vlaams Agentschap Innoveren & Ondernemen (VLAIO). Ook vanuit Europa is er steun voor duurzame innovatieprojecten, bijvoorbeeld in het kader van de Europese Green Deal. In het verleden werd er bij projectopzet vooral gekeken naar de verwachtte technologische vooruitgang. Nu spelen ook industriële implementatie en maatschappelijke uitdagingen een steeds grotere rol. Denk daarbij maar aan de impact die een innovatieproject kan hebben op de CO2-uitstoot. Het belang van deze aspecten zal in de toekomst enkel toenemen, temeer omdat duurzame innovaties in chemie en kunststoffen een springplank zijn voor de duurzame transitie van onze industrie én samenleving.”

Frederik Loeckx
Managing director
Flux 50

Wat houdt duurzaam ondernemen in binnen jullie cluster?

“Wij bekijken het breder dan de Sustainable Development Goals (SDG’s), die gericht zijn op duurzame ontwikkeling op wereldschaal. Ondernemen is ook een lokaal proces. Inspiratie halen uit kleinschalige lokale initiatieven is in mijn opinie dan ook veel belangrijker dan de SDG’s infografics die heel breed zijn en vaak gericht zijn op problemen in de ontwikkelingslanden. Streven naar koolstofneutraliteit en de aandacht naar de betaalbaarheid van ons energiesysteem worden belangrijke werkpunten voor onze cluster. De elektriciteitsfactuur is een belastingsfactuur geworden, wat de situatie bijzonder complex maakt. De polarisatie tussen “hernieuwbaar” en ‘haalbaar en betaalbaar’ staat op scherp.”

Hoe zouden jullie in de toekomst anders/beter kunnen investeren om nog duurzamer te ondernemen?

“Energie-efficiëntie is voor Flux 50 een belangrijk topic, vooral op het gebied van renovatie van gebouwen. Denk aan geïntegreerde en geautomatiseerde oplossingen met een centrale energiesturing.  We moeten de gebouwschil, die eens om de vijftig jaar vernieuwd wordt, zo future-proof mogelijk maken en rekening houden met nieuwe technieken die circulair bouwen ondersteunen. Op het gebied van energieopwekking moeten we op zoek naar een balans tussen kleinschalige en lokale productie voor huishoudelijk gebruik en de gekende grootschalige centrale productie voor de energie-intensieve industrie. Bij de grootschalige productie ligt de uitdaging eerder in de kooltstofcirculaire technieken.”

Welke financiële ondersteuning is er voorzien om duurzaam te ondernemen?

“Op dit moment is er weinig financiële ondersteuning, maar is dat noodzakelijk? Duurzaam ondernemen moet in de eerste plaats voortkomen uit overtuiging, eerder dan uit marketing- of winstdoeleinden. We zien wel dat de overheden, onder druk van de Verenigde Naties, meer belang hechten aan duurzaamheid. Bij het Vlaams Agentschap Innoveren en Ondernemen wordt nu ook maatschappelijke valorisatie meegenomen terwijl er vroeger enkel gekeken werd naar het economische aspect. Je voelt wel dat die evolutie richting duurzaam ondernemen nog heel pril is en er nog veel ervaring moet opgebouwd worden. Er zijn zeker nog verbeterpunten op te sommen, zoals missiegedreven werken over de verschillende departementen heen.”

Guido Verhoeven
General Manager
SIM

Wat houdt duurzaam ondernemen in binnen jullie cluster?

“Duurzaamheid is essentieel voor de mondiale concurrentiepositie van onze sterke materiaalindustrie. Je kunt de concurrentie pas aan als je met zo weinig mogelijk materiaal een kwaliteitsvol én duurzaam eindproduct aflevert. Als je die oefening niet maakt, heb je geen toekomst. Wij hebben twee doelen: met zo weinig mogelijk materiaal een optimaal rendement halen én schaarste aan materialen, water en energie vermijden. SIM doet daarom onderzoek naar het meest efficiënte materiaalgebruik. Een mooi voorbeeld is onze research naar volgende generaties (auto)batterijen. Wij onderzoeken hoe je meer, sneller en goedkoper energie kunt opslaan in een lichtere batterij met kleinere omvang.”

Hoe zouden jullie in de toekomst anders/beter kunnen investeren om nog duurzamer te ondernemen?

“Processen waarbij CO2 wordt uitgestoten, moeten we nog meer ombuigen naar milieuvriendelijke alternatieven met nul uitstoot aan ongewenste gassen. Shell heeft tien jaar geleden in ons lab Flamac een betonsoort ontwikkeld waarin zwavelhoudend afval een groot gedeelte van het cement in het beton vervangt. De cementproductie is verhoudingsgewijs één van de grootste industriële veroorzakers van CO2-uitstoot. De cement in het beton kunnen vervangen, schakelt meteen één van de grootste CO2-bronnen uit en maakt van een zwavelrijk afval een waardevolle grondstof. Deze betonsoort wordt nu door een Belgische producent aangeboden. Het is een mooi voorbeeld van hoe reststromen van het ene bedrijf kunnen doorstromen naar andere sectoren. Dat gebeurt steeds vaker, en niet alleen met materialen maar ook met energie. Industriële restwarmte wordt steeds vaker benut om huizen, kantoren en serres te verwarmen, maar we moeten er nog meer op inzetten.”

Welke financiële ondersteuning is er voorzien om duurzaam te ondernemen?

“Dit is een vraag die best aan de overheden gesteld wordt. Ik zie vandaag vaak goedbedoelde ad hoc besluiten met ongewenste neveneffecten. Een betere afstemming tussen de overheden en de industrie lijkt me aanbevelingswaardig. Op Belgische producten een CO2-taks invoeren zonder gelijkaardige taksen in te voeren op de geïmporteerde producten, creëert oneerlijke concurrentie. Er moet gewoon wereldwijd een betere afstemming komen. Nu bekijkt men regelgeving nog té veel regionaal.”

Vorig artikel
Volgend artikel