Home Maatschappij Moderne Stad Attitude verbouwen voor een moderne stad

Leo Van Broeck

Attitude verbouwen voor een moderne stad

Enigszins verbaasd waren we toen we op vrijdag 5 Oktober in het 7 uurjournaal naar een reportage over betaalbaar wonen in Vlaanderen keken. Vlaams bouwmeester Leo Van Broeck had het over het versterken van de stads- en dorpskernen en over hoe woningen in verkavelingen gemakkelijk een tienvoud aan oppervlakte innemen in vergelijking met een gemiddelde stadwoning. Een bezorgde Vlaming reageerde hierop dat we toch niet allemaal in appartementen kunnen gaan wonen, men heeft graag wat groen en een tuintje rondom hun (t)huis.

Voor ons kwam het een beetje als een donderslag bij heldere hemel, maar het bevestigt het gevoel waar we al even mee zitten…

De Vlaming moet dringend zijn attitude (ver)bouwen.

In 2014 berekende de milieuorganisatie Ecolife de ecologische voetafdruk van de Vlaming, de bruikbare oppervlakte die nodig is om te voorzien in de behoeften van één persoon. Wat blijkt: als iedereen zou wonen en consumeren als de Vlaming, dan zouden er meer dan vijf aardbollen nodig zijn. Toch schat bijna 43 procent van de Vlamingen dit niet als problematisch in, blijkt uit onderzoek van de UGent.

De steden en dorpskernen hebben alles in zich om het voortouw te nemen in het terugdringen van de ecologische voetafdruk maar de Vlaming ervaart wonen in de stad als te duur en vaak als onleefbaar.

Wij spreken alvast niet langer over een moderne stad, maar over een genereuze stad

Vlaanderen staat dus voor een enorme uitdaging: de stad van morgen moet duurzamer, betaalbaarder én gezonder. Deze visie kan enkel slagen als we bewoners kunnen overtuigen van compacter wonen in de stads-, of dorpskernen, zonder in te boeten aan leefkwaliteit. Want leefkwaliteit heeft niet enkel met bewoonbare oppervlakte te maken.

Laten we met z’n allen werken aan een meer leefbare stad, waarin het fijn vertoeven is, waarin we openstaan voor verandering, waarin we de autoluwe straten en pleinen als collectieve ruimte zien en de parken als onze tuinen. Tuinen waarin we anderen kunnen ontmoeten, waarin onze kinderen kunnen spelen, allemaal zonder ons zorgen te moeten maken over wie het onkruid morgen zal wieden.

Laten we inzetten op ons bestaand patrimonium, te beginnen bij onderbenutte zones, zoals de daken van stadswoningen, die ingezet kunnen worden om meer kwalitatief groen in de stad te voorzien door het plaatsen van groendaken. Dergelijke ‘greenspots’ kunnen een soort van productief landschap betekenen die kunnen dienen als fijnstoffilter, luchtzuivering, stadslandbouw, energiewinning… Onder de vele terrassen kunnen we waterreservoirs voor regenwaterrecuperatie voorzien.

Laten we met z’n allen werken aan een meer leefbare stad, waarin we openstaan voor verandering, waarin we de autoluwe straten en pleinen als collectieve ruimte zien en de parken als onze tuinen

Maar laten we ook de auto weren en iets vaker de fiets nemen. De vrijgekomen autostaanplaatsen kunnen we dan opnieuw inzetten als lege, groene stadsruimte of als ruimte voor energiewinning.

Laten we ons niet enkel blindstaren op E- en K-peilen maar kiezen voor diversiteit waarin iedereen, in de mate van het mogelijke, zijn (bak)steentje bijdraagt. Alles in acht genomen hoeft de stad niet duurder te zijn, zolang we maar enkel toegevingen willen doen. Toegevingen die ons leven, maar vooral dat van onze kinderen en de volgende generaties, de ademruimte geeft die ze verdienen. Want wees nou eerlijk, de Aarde is ons niets verschuldigd, wij haar wel.

Laten we niet langer spreken in termen zoals publiek of privaat, oud of nieuw, gezond of ongezond, zwart of wit… De kracht zit hem in de vele grijstinten tussenin.

Wij spreken alvast niet langer over een moderne stad, maar over een genereuze stad. Een stad waar iedereen respectvol met elkaar en met de omgeving omgaat.

Laten we daarmee beginnen.

MEER

‘Groei van Amazon bepaalt ook toekomst van onze havens’

Jacques VandermeirenZal de haven van Antwerpen haar ijzersterke reputatie kunnen handhaven wanneer straks de Amazons van deze wereld de supply chain in handen nemen? “Ja”, denkt Jacques Vandermeiren, topman van het Havenbedrijf. “Op voorwaarde dat we de digitale taal leren spreken. Vandaag zijn we nog te conservatief.”

Er is leven na de 50

Leven na de 50Het leven begint bij 40, als we menig koffiemok of grappig bedoelde verjaardagskaart mogen geloven. Maar stopt het dan op je vijftigste of breekt er wel degelijk een nieuwe levensfase aan? We vroegen het aan drie mensen in de categorie 50 tot 65 jaar.

Het ideaal van de stad van de toekomst

Duurzame stad ‘Er is nood aan een compleet nieuw businessmodel’, zegt de ene expert. ‘Eigenlijk moet Vlaanderen herontwikkeld worden’, zegt de andere. De visies over de duurzame stad – en hoe die te bereiken – lopen vaak uiteen. Maar over één ding zijn alle experts het eens: het moet anders.

Awel, dat lucht op

WelzijnAls je je niet goed in je vel voelt, kan het aanvoelen alsof je vastzit. Je ziet geen oplossingen en voelt je alleen. Hoe moeilijk en akelig dat ook is, probeer erover te praten met iemand die je vertrouwt.

Op zoek naar schoonheid, warmte en identiteit

Paul De GrandeZijn naam alleen al straalt ‘grootsheid’ uit. De antiquair was altijd al bekend bij insiders. Al jaren zorgt het programma Stukken van Mensen op Vier ook voor uitstraling bij het brede publiek. Volgens De Grande primeert identiteit op rendement. Zo gaat hij steeds op zoek naar kunst met een ziel.  

Een positieve uitdaging

Silvy De BieDe grootste uitdaging voor vrouwen met ambitie dezer dagen is meteen ook een positieve uitdaging. Wij vrouwen moeten het namelijk opboksen tegen allerlei andere ambitieuze vrouwen. Niet erg natuurlijk, want deze boost aan girlpower is niets anders dan een fantastische vooruitgang.