Een warm hart voor de oceaan

Het is zover: de zomer komt om de hoek kijken. Al gauw staat ons hele land aan te schuiven om een plekje aan de kust te bemachtigen. Voor een duik, of één teentje in de zee. Minder fijn is het als er een stuk plastic aan je teen hangt. Deze zaterdag 8 juni is het Wereld Oceaandag met als doel mensen bewust te maken hoe het met onze zee gesteld is. Daarover kan niemand beter vertellen dan Jan Seys, marien bioloog en woordvoerder van het Vlaams Instituut voor de Zee (Vliz).

 

“Planetaire problemen ontsnappen niet aan de oceaan”, steekt Seys van wal. “Er is overigens geen sprake van meerdere oceanen, maar van één grote wereldoceaan.” Dat is een van de hoofdprincipes van de Ocean Literacy beweging. Zij streven naar een minimale kennis over de oceaan voor iedereen. Hetzelfde water circuleert gewoonweg, grenzen bestaan niet. Als je dan toch van verschillende gebieden wil spreken, gebruik je de term ‘oceaanbekkens’.

We ademen plastic

“Klimaatwijziging en vervuiling tekenen onze oceaan. Plastic is een grote boosdoener en de hoeveelheid stijgt onwijs snel. Elk jaar komt er 5 à 13 miljoen ton plastic bij”, waarschuwt Seys. 3 tot 10 procent van de totale plasticproductie komt in de zee terecht, onder andere via rivieren. Vooral in Azië, waar 13 van de 15 meest vervuilde rivieren stromen. The Ocean Cleanup is een mooi project dat toont hoe je als individu niet bij de pakken hoeft te blijven zitten. Puur wetenschappelijk gezien is het dan weer een druppel op een hete plaat. Veel plastic verdwijnt de diepte in, slechts vijf procent blijft in de oppervlakkige laag. Fragmentering is een ander issue. De kleinere deeltjes vallen letterlijk door de mazen van het net. Het effect op de menselijke gezondheid is nog niet duidelijk, maar het is zeker dat je in alles plastic vindt. Alle producten eroderen en die microdeeltjes komen overal in terecht.” 

Mariene hittegolven kunnen de zaken doen wankelen.
Jan Seys, marien bioloog

“De klimaatproblematiek rank ik nog een stap hoger. Zelfs als we morgen met zijn allen alles goed doen, duurt het herstel nog tientallen jaren. Het zit een beetje in onze aard dat we pas in actie schieten als het bijna te laat is”, stelt Seys vast. “Als onze maatschappij in al zijn logheid, geledingen en diversiteit in beweging moet komen, duurt dat te lang.”

Maar de zee vormt gelukkig wel een sterke buffer. Zonder haar zou er 30 procent meer CO2 in de atmosfeer terechtkomen. De gevolgen daarvan dragen, zorgt ervoor dat de oceaan verzuurt. “Het is nog niet ten volle merkbaar, daarom blijft het onder de radar”, gaat Seys verder. “Koraalriffen lijden hieronder en ook oesterkwekerijen gaan op de schop. Tegen 2030 zou de verzuring oplopen tussen de 60 en 130 procent. Dat zal nefast zijn voor de helft van al het leven in de zee.” Met name leven dat
kalk nodig heeft lijdt onder die verzuring. Denk maar aan een koffiezetapparaat dat je schoonmaakt met azijn. Koralen, pijlinktvissen, plankton kunnen ernstige gevolgen dragen omdat hun hele werking overboord gegooid wordt.

Een heet hangijzer

Veranderingen komen altijd voor, maar nu gaat het sneller dan ooit, aldus de woordvoerder van het Vliz. “Organismen hebben wellicht geen tijd om te adapteren; genetische aanpassingen treden niet snel genoeg op nu. Dat zet zich ook door op zuurstofniveau. Er is een daling van zuurstof in de zee en die tendens zal zich alleen maar voortzetten.”

Dat is een logisch gevolg van het warmer worden van de oceaan. Bij hogere temperaturen kan er minder zuurstof oplossen in het water. Met name in de grote subtropische oceaanbekkens. “Dat zijn dezelfde plaatsen waar de grote plasticophopingen zitten”, legt Seys uit. “Dat zijn al warme gebieden. Als de temperatuur dan nog zal stijgen, zullen er zeewoestijnen ontstaan. Er is al weinig voedsel of plankton. Tegenwoordig is er sprake van mariene hittegolven, met extreme uitschieters die de zaken kunnen laten wankelen”

Zeezicht?

Die warmte zorgt eveneens voor een zeespiegelstijging. Een stijging van maximaal 1 meter tegen 2100 werd voorheen berekend, maar nieuwe inzichten waarschuwen voor mogelijke rampscenario’s. Door de instabiliteit van de ijskappen op de Zuidpool, schatten we in het ergste geval een toename van 3 meter. Seys: “Al het ijs opgeslagen op land is goed voor 70 meter zeespiegelstijging en 60 meter daarvan ligt op Antarctica. De Belgische overheid neemt die stijging sinds kort erg serieus.” De zeeweringen zijn namelijk wel voorzien op die ene meter, niet op driemaal zoveel. “We worden geconfronteerd met zaken die er niet beter op worden als het op klimaat aankomt. De stijging werd rond 2000 op 3 millimeter per jaar geschat, maar met die nieuwe inzichten zou het over centimeters gaan, wat echt catastrofaal zou zijn!” Maar zelf blijft de marien bioloog optimistisch. “Het heeft geen zin om ons hoofd in het zand, of het zeewater, te steken. Het zal veel moeite kosten; geld, energie en heel veel samenwerking.”

Hoop doet leven

Je zou al bijna denken dat alles bergaf gaat, maar het is zeker nog niet te laat. “Als je kijkt naar de olievervuiling in het Belgische deel van de Noordzee, blijkt dat er een significante daling is van de olie die er drijft de laatste 50 jaar”, boezemt Seys ons in. In de jaren 60-80 was de trefkans om olie te vinden voor de Belgische kust 100 procent, vandaag is dat minder dan 10 procent. “Een algemene tendens is dat je bij aanvang een probleem hebt dat groeit en later begint het publiek dan verontwaardigd te worden. Vervolgens merkt het beleid dat op, en nog later onderneemt iemand actie. Nu is de architectuur van de tanks beter en wordt streng toegezien op het overboord zetten van operationele olie. De aanwezigheid van havenontvangstinstallaties maakt het mogelijk je olie aan land te zetten en anders krijg je een boete.” Het resultaat is er!

Een tweede voorbeeld zijn de scheepsrompen, die jarenlang met giftige verf werden beschilderd. De toxische stof die erin zat werd gebruikt om aangroei aan de schepen te voorkomen. “TBT is een stof met zware metalen, die uiteraard lekte in het milieu en leidde tot hormoonverstoringen bij tal van dieren”, vertelt Seys. “Het heeft lang geduurd en de oplossing zag het licht volgens hetzelfde proces als hierboven. De restanten zullen nog even te vinden zijn in de natuur. Het is een eerste stap om het te verbieden. Na het bannen van de stof zagen wij nauwelijks een paar jaar later dat de purperslak, die ten dode was opgeschreven, is teruggekeerd naar onze kust na 30 jaar.”

We moeten de volgende generatie nog een kans geven en niet zelf alles opsouperen.

Planetaire grenzen

“Mensen benutten de zee ook steeds breder en dieper. Niet enkel vissers en een paar toeristen maken gebruik van de oceaan. Kijk naar wind, olie en gaswinning: tendensen van de blauwe economie”, zegt de woordvoerder. “Het is wenselijk dat wetenschappelijk onderzoek dat monitort, zodat het op een duurzame manier gebeurt. We moeten de volgende generatie nog een kans geven en niet zelf alles op souperen.”
Ook aan deep sea mining wordt gedacht: de exploratie naar het ontginnen van metalen in de Stille Oceaan. Veel landen zien hier geld in, België ook. “Materialen op het land blijken eindig, dus gaan we het maar in de zee zoeken”, zucht Seys. “Technologie maakt het mogelijk om nu ook diepste wateren te begaan. Door economische interesse wordt daar zeer merkwaardig leven ontdekt. Zo ontstaan er hoognodige discussies: moeten we alsnog exploiteren met alle gevolgen van dien, of gaan we het ontmijnen verbieden? Je botst altijd wel op de planetaire grenzen.”

Duurzaamheid duurt het langst

“Iedereen kan iets doen op zijn niveau: elke houding, elk gedrag dat op een verstandige manier probeert om te gaan met zijn omgeving, helpt. Probeer op een duurzame manier beslissingen te nemen. Als je vis eet, kun je de Viswijzer checken en voor vis kiezen die niet onder stress van overbevissing staat”, geeft Seys raad. “Wanneer iedereen een kleine stap zet, ontketent alles samen een effect.” Het verleden heeft ook aangetoond dat mensen die goed geïnformeerd zijn, betere beslissingen maken. “Daarom dat wij oceaangeletterdheid zo hoog in het vaandel dragen, er is een draagvlak nodig voor een sturende mentaliteit. Daarom is Wereld Oceaandag zo belangrijk.”

Er is een draagvlak nodig voor een sturende mentaliteit.

Ik denk dat iedereen een warm hart draagt voor de zee en beseft dat er zaken niet lopen zoals het hoort. Als we met zijn allen beter op de hoogte zijn, kunnen we samen verontwaardigd zijn en erop aansturen dat er verandering komt”, overtuigt Seys. “We zullen moeten evolueren naar een maatschappij die herbruikbaarheid voorop stelt en een circulaire economie in zich draagt. “We moeten vooroplopen, er is geen andere weg. Momenteel strekt de maatschappelijke bezorgdheid nog niet over alle lagen van de bevolking. Ik bemerk een zekere dualiteit: er zijn ook mensen die de moed hebben opgegeven. Je kunt niemand kwalijk nemen dat ze op een zeker moment afhaken uit onmacht. Net hen moeten we mee aan boord krijgen”, benadrukt de marien bioloog.

Laten we met zijn allen in zee gaan om onze oceanen te vrijwaren van verval.

 

Zaterdag kun je in ons land meedoen aan een Beach Cleanup in Blankenberge of de Haven van Antwerpen in trekken om je steentje bij te dragen.