SLM: ‘Wij willen gewoon cultuur capteren’

Saïd Boumazoughe en Salahdine Ibnou Kacemi zijn twee jeugdvrienden en vormen samen het Antwerps hiphopcollectief SLM. Het goedlachs duo doet uit de doeken wat jong zijn voor hen betekende en reflecteren over de jongeren van vandaag. Ze verwelkomen ons – zoals artiesten betaamt: te laat – in hun studio ‘2020’.

Jullie waren kinderen van het Kiel, een multiculturele wijk in Antwerpen. Hoe vonden jullie het om daar op te groeien?
Saïd: “Ik denk dat wij geluk hebben dat we nog zijn opgegroeid in de tijd waar jong zijn oké is. Waar kattenkwaad uithalen geen kwaad kon. Niet geïnfecteerd met black mirrors, de zwarte schermen. Die palmen immers de levens van jongeren volledig in. Het was weliswaar geen makkelijke buurt. Maar wij hebben er toch het beste van gemaakt, met de kansen die we op dat moment kregen.”

Black mirrors; dan heb je het over smartphones en sociale media?
Salah: “Klopt. Het is niet dat sociale media slecht zijn, maar ze nemen wel een paar dingen weg die voor ons plezant waren. We gingen veel naar buiten, zochten plezier. Het graafste was dat je gewoon kon aanbellen bij je maat. Er was geen druk.”
Saïd: “Jongeren leven nu onder meer druk, ze moeten presteren. Ze moeten altijd het nieuwste van het nieuwste hebben. Wij waren vroeger in de wolken als we schoenen van Scapino kregen. Je kon meer jezelf zijn. Nu is alles Jersey Shore meets Ex on the Beach. Ze roepen ‘yolo’, willen naar de fitness. Er is een te harde profileringsdruk om iemand te zijn.”

‘Voor jongeren nu is er een te harde profileringsdruk om iemand te zijn.’
— Saïd Boumazoughe

©Baïdy Ly

Er wordt dus te veel aandacht aan uiterlijk vertoon gespendeerd?
Saïd: “Ja, te veel bullsh*t, te veel shine. Het draait allemaal om de shine. Fake it ‘till you make it. We zijn van tante Sidonia naar de Kardashians gegaan. Dat was de mokke vroeger. Alle Suskes en Wiskes waren gecensureerd; Wiske had een boerka aan. (lacht). Als dingen zoals de Kardashians de norm zijn, dan wordt het voor jongeren wel erg moeilijk om zichzelf te zijn.”

Wanneer hadden jullie het gevoel: ‘En nu is het gedaan met jong zijn’?
Salah: “Ik blijf voor altijd jong. Ik heb een dochter nu, en mensen zeggen wel eens dat als je een kind hebt, het gedaan is met jong zijn. Maar ik wil niet oud worden.”
Saïd: “Wij hebben last van het Peter Pan-syndroom, een zware ziekte (lacht). Ik denk dat ik nooit oud ga worden. Je moet serieus zijn op bepaalde manier. Maar stoppen met plezier hebben… Nee, nooit.”
Salah: “Plezier is niet dat je naar Walibi moet gaan. Plezier zit ook gewoon in je persoonlijkheid. Niks te serieus nemen. Geniet ervan als je eens valt. Zo leer je dat gewoon. Door te vallen.”

©Baïdy Ly

Jullie zijn hier opgegroeid, maar willen jullie ook in België blijven?
Salah: “Als het niet afhing van familie en SLM, dan was ik weg. Op zoek naar succes in andere oorden. Ondanks we hier geboren en getogen zijn, hebben we nog niet echt een plaats gekregen in de maatschappij. Ergens anders zouden ze me misschien wel accepteren voor wie ik ben, en ook mijn skills. Je moet het zelfs niet ver zoeken. In Londen staan ze met hun armen open en zeggen: ‘Kom, doe maar en doe je ding’. Daar verschiet ik van.”
Saïd: “In mijn omgeving zijn er veel vrienden die naar Canada vertrekken. Geen racisme, goede sociale zekerheid. Wat onze ouders hebben gedaan, zijn zij nu aan het doen. Ik voel heel sterk een glazen plafond. Vlaanderen is een land dat niet zo naar cijfers kijkt. Hier moet alles vooral toegankelijk zijn.”

Maar toch maken jullie er hier het beste van?
Saïd: “Ik wil ook niet de slachtofferkaart trekken. Wij willen gewoon een captatie doen van de cultuur. Zoals wat bijvoorbeeld N.W.A (Amerikaanse hiphopgroep uit de jaren 80, red.) heeft gedaan voor de hiphopgemeenschap, wat Bob Marley heeft betekend… De mensen samenbrengen en hun stem vertegenwoordigen. We willen samenvatten wat er speelt in de gemeenschap. Nu horen we dat het wel cool is om een woord zoals ‘drarrie’ (vriend, red.) of ‘kifesh’ (hoe bedoel je?, red.) te gebruiken. Tien jaar geleden was dat een probleem. Dus op de een of andere manier hebben wij een ingang gevonden.”
Salah: “Het is dankzij de stedelijke subculturen. Die zijn niet meer enkel blank. Bruin, wit, zwart; een mengelmoes van alles. De Marokkaanse straattaal is daar een bindmiddel in. Dat is een belangrijke factor voor ons om in te groeien. De nieuwe generatie gaat allemaal samenkomen. Dat is nog niet te zien op tv, maar iedereen zal samenkomen.”

Veel jongeren zijn wel samen, maar toch eenzaam. Hoe hebben jullie dat ervaren tijdens het opgroeien?
Saïd: “Vandaag zijn de rollen omgedraaid, maar ik zat in een ‘witte klas’. Ze scholden je wel eens uit. Thuis voelde ik mij niet alleen, daarbuiten wel. Soms heb ik dat nog steeds, als ik ergens moet uitleggen wat de ramadan is − wij leven al 50 jaar naast elkaar! Zo is het als je de enige allochtoon op de werkvloer bent, eenzaam. Ben je de enige lesbienne op je werk? Eenzaam. De enige transgender? Eenzaam. Ik trek het door: eenzaamheid kent geen kleur.”

Ergens anders zouden ze me misschien wel accepteren voor wie ik ben, en ook mijn skills.
— Salahdine Ibnou Kacemi

Salah: “Bij mij was de eenzaamheid te wijten aan groepsdruk. Toen we jonger waren, was ik altijd blij. Later begonnen mijn vrienden te drinken, te smoren. Ik doe die dingen echter niet. Toen viel ik uit de groep, ondanks dat het nog mijn vrienden waren. Het heeft me wel opgeleverd waar ik nu sta. Omdat ik alleen was, kon ik me beter focussen in de studio. Ik heb die eenzaamheid gevoeld, maar er is wel iets positiefs van gekomen.”

Jullie achtergrond als maatschappelijk werker leeft verder in jullie muziek. Jullie kaarten problemen aan die anders niet bespreekbaar zijn.
Saïd: “Bewustwording is belangrijk. Wij zien een hoogdringendheid en spelen daarop in. Dat is de kracht van muziek, van kunst. Het abstraheren van een bepaalde problematiek. Dat is de reden waarom we dit doen. Wij hebben geleerd te overleven, we zijn kameleons. We hebben van onze passie ons beroep gemaakt. Misschien hebben we het (nog niet) gemaakt, maar we hebben gekozen voor een beroep waar heel veel onzekerheid in heerst. But I f*cking love it. F*ck the comfort zone.”