De succesfactoren van topzorg gescand

Zorgsector EU

De Belgische gezondheidszorg prijkte vorig jaar op een vijfde stek in de Europese Health Consumer Ranking. Vooraan de lijst stonden Zwitserland, Nederland en Noorwegen. Wat kan België nog van deze landen leren? En wat misschien ook niet?

DR. TIANA VAN GRINSVEN.
Bestuurder Zorginstituut Nederland
NEDERLAND

Waarom scoort de gezondheidszorg zo hoog in dit land?
“Het Nederlandse zorgstelsel is gebaseerd op een sterke solidariteit. Rijk en arm, jong en oud, gezond en ziek: we hebben allemaal toegang tot dezelfde, betaalbare zorg. Daaraan betaalt iedereen in Nederland mee via een systeem van premies en belastingen. Die basissolidariteit, die we als land en samenleving koesteren, vind ik een belangrijke succesfactor. Daarnaast stel ik vast dat we ook een mooie start hebben gemaakt in de manier waarop we medische gegevens uitwisselen. Hoe maken we die essentiële beweging rond data en technologie? Hoe gaan we om met vraagstukken rond AI en regelgeving bij informatiestandaarden? Momenteel zijn we bezig om dat soort uitgangspunten in wetgeving vast te leggen.”

Hoe is het zorglandschap het voorbije decennium geëvolueerd?
“In 2006 trad in Nederland de Zorgverzekeringswet in werking, met een systeem van gereguleerde marktwerking. Zorgverzekeraars kopen voor hun verzekerden de nodige zorg in bij zorgaanbieders. Ze maken bepaalde afspraken en kunnen zo een invloed uitoefenen op de betaalbaarheid en de kwaliteit. Zorgverzekeraars hebben er alle baat bij om zich goed van hun opdracht te kwijten, want verzekerden kunnen elk jaar naar een andere verzekeraar overstappen. De markt doet dus zijn werk, maar wel op een gereguleerde manier. De overheid blijft namelijk een sterke rol spelen. De uitvoerende regie zit ook deels bij de gemeenten.”

Wat zijn de uitdagingen voor de toekomst?
“Op dit moment zitten we in Nederland aan de grens van 100 miljard in de zorguitgaven. De grote uitdaging is om de zorg betaalbaar en toegankelijk te houden. En dat terwijl de bevolking vergrijst, meer mensen chronisch ziek zijn en er een tekort is aan arbeidskrachten. De solidariteit waar we zo fier op zijn, blijft alleen overeind als we het zorglandschap innoveren en anders organiseren. We zien dat zorgaanbieders meer beginnen samen te werken in regionale netwerken. Zo kunnen ze de juiste zorg bieden op de goede plek, bijvoorbeeld in een aantal gespecialiseerde ziekenhuizen. Ook de aandacht voor een gezond leven en preventie zijn van belang. E-health en zorgtechnologie kunnen daarin zeker hun rol spelen.”


KAROLINE SOLHEIM.
Noors verpleegkundige
NOORWEGEN

Waarom scoort de gezondheidszorg zo hoog in dit land? 
“Ongeveer 8 procent van je belasting als inwoner van Noorwegen gaat naar sociale zekerheid. Inbegrepen zijn onder meer: alle ziekenhuiskosten in publieke voorzieningen, een ruime terugbetaling van medicijnen en zaken als zwangerschaps- en ouderschapsverlof. Dat laatste is hier trouwens prima geregeld. Papa’s kunnen vier maanden thuisblijven. Wie mama wordt, heeft recht op acht maanden. Nog mooi om te vernoemen: we leven in een groot land, maar de spoedhulp zit uitstekend in elkaar. We hebben helikopters en boten, en ambulances ingericht met CT-apparatuur. Scans kunnen meteen naar het ziekenhuis gestuurd worden. Zo is een snelle en correcte behandeling mogelijk, ook op het platteland.”

Hoe is het zorglandschap het voorbije decennium geëvolueerd?
“In 2013 vond er in Noorwegen een politieke verschuiving plaats, waarbij de rood-groene coalitie werd afgelost door een rechts-conservatieve regering. Met die beweging zijn er een groter aantal privéklinieken gekomen. Ik denk niet meteen dat daarmee de kloof tussen patiënten is vergroot: in Noorwegen krijgt iedereen hulp. Maar misschien krijgen meer gegoede mensen die nu wel net iets sneller. Een belangrijke evolutie was verder de verdeling van het land over vijf regionale zorginstanties. Eerder was het zo dat iemand uit het Noorden bijvoorbeeld helemaal naar Oslo moest om een bepaalde operatie te krijgen, nu moet binnen iedere regio elk type hulp geboden kunnen worden.”

Wat zijn de uitdagingen voor de toekomst?
“Waar ik vooral verbetering mogelijk zie, is in de ouderengeneeskunde en de ouderenzorg. Plaatsen in het verzorgingstehuis zijn voorbehouden voor mensen die echt ziek of dement zijn. Maar zelfs voor hen is er op dit moment niet overal plek. We moeten daarnaast ook iets doen aan het groeiend tekort aan verplegend personeel. Een op de vijf verpleegkundigen werkt tien jaar na afstuderen niet meer in de gezondheidszorg. Met de status van het beroep zit het best goed, maar de verloning is relatief laag in vergelijking met andere bachelorniveaus. Zeker in verhouding tot de wacht- en nachtdiensten die erbij horen. Er vallen nog wel wat maatregelen te nemen om de job weer aantrekkelijk te maken.”


EM. PROF. JAN DE MAESENEER.
Huisarts, Vakgroep Volksgezondheid en Eerstelijnszorg UGent
ZWITSERLAND

Waarom scoort de gezondheidszorg zo hoog in dit land?
“Allereerst zou ik die Health Consumer Ranking toch sterk willen relativeren. Het gaat vooral over: krijgt de consument wat hij wil? Vindt die de zorg bereikbaar en betaalbaar? Zwitserland is een heel rijk land met veelal dito inwoners. Het besteedt 12,3 procent van zijn BBP aan gezondheidszorg. Dat kan geen enkel ander Europees land. Patiënten betalen er 26 procent van hun ziektekosten out-of-pocket. Het Europees gemiddelde is 16 procent, België zit aan 18 à 20 procent. De uitgaven voor medische beeldvorming en aanvullend technisch onderzoek liggen er erg hoog. Drie scans waar er maar één nodig is? U vraagt, wij draaien. Natuurlijk is het van belang dat de klant het naar zijn zin heeft. Maar wetenschappelijk onderbouwd of kosteneffectief is dat niet altijd.”

Hoe is het zorglandschap het voorbije decennium geëvolueerd?
“Overdreven kritisch hoeven we ook niet te zijn over het Zwitserse systeem. Dat mensen er tevreden zijn, komt ook deels omdat de bevolking nauw betrokken wordt bij de organisatie van de zorg. Is er bijvoorbeeld sprake van een nieuw ziekenhuis, dan mogen mensen hun zegje doen over waar en hoe. Die lokale inspraak kent een lange historiek van decentralisatie. In Zwitserland ligt een grote autonomie rond organisatie van de zorg bij de 26 kantons. De laatste jaren keren wel meer bevoegdheden terug naar de federatie. De klassieke slingerbeweging is dat: sommige dingen worden dan blijkbaar toch beter centraal geregeld. De behandeling van zeldzame ziekten bijvoorbeeld, waarvoor de juiste expertise en kritische massa nodig is.”

Wat zijn de uitdagingen voor de toekomst?
“Er is geen sterke eerstelijnszorg in Zwitserland. Pas heel recent is er meer aandacht voor de positie van huisartsen. Heel anders is het in Nederland en Noorwegen, waar de huisarts de poortwachter is in het zorgnetwerk. In Noorwegen worden huisartsen en specialisten overigens ook gelijk betaald, omdat hun verantwoordelijkheid even hoog wordt ingeschat. In België heerst de discussie rond de eerstelijnszorg al jaren. Bij ons lijken mensen alleen maar gelukkig te worden als ze meteen naar de specialist of naar de spoedafdeling kunnen rennen. Dat is dan weer wél interessant aan zo’n ranking: in de top drie van landen met de meest tevreden patiënten zijn er twee landen waar de huisarts de spilfiguur is in de gezondheidszorg.”