Universeel cultureel

Ons land zit vol creatievelingen: van muzikanten over schilders, tot danstalenten, kunstenaars en filmmakers. Het aanbod is in ieder geval zeer divers, en reikt vaak zelfs over de landsgrenzen heen. 


Pieter Van Dessel.
Zanger, gitarist en songwriter Marble Sounds.

Cultureel België: hoe vul jij dat in?
“Ik vind de mogelijkheid om veel te kunnen optreden het allermooiste. Ik hou van schrijf- en studiowerk, maar op het podium komt alles samen: het repertoire dat je opbouwde, de vele uren repetitie, de vriendschap met je bandleden en de band met je publiek. Dat keer op keer beleven, daar streef ik echt naar. In Vlaanderen bestaat er een uitgebreid festival- en clubcircuit. Daarbovenop is er nog een mooi netwerk van culturele centra. Organisaties zoals Poppunt en Cultuurloket staan altijd klaar voor gratis advies. We hebben het als muzikant in Vlaanderen niet slecht, zeker als je kijkt naar sommige andere landen.”

Hoe kijk jij, met je eigen ‘creatieve bril’, naar het buitenland?
“Door YouTube en Spotify is het veel gemakkelijker geworden dan vroeger om een buitenlands publiek te bereiken. Soms krijgen we bijvoorbeeld out of the blue een uitnodiging om in het buitenland te spelen. Zo kregen we tot hiertoe al de kans om op te treden in Italië, China en Koeweit. We zouden die buitenlandse tours wat gestructureerder willen aanpakken. In Japan hebben we een compilatie-album uitgebracht en binnenkort verschijnt onze laatste plaat daar ok. Touren in Japan, dat staat op mijn bucketlist. Lang geleden mocht ik in Tokyo een eenmalig solo-optreden geven en dat was echt een bijzondere ervaring.”


Waar streef je persoonlijk nog naar?
“Ik wil het evenwicht dat er nu is tussen muziek en mijn gezin graag behouden. Tot hiertoe lijkt dat allemaal vanzelf te komen en ik hoop dat het zo blijft. Als ik niet op het podium sta met Marble Sounds, ben ik thuis bezig met nieuwe nummers te componeren. Niet alleen voor de band, maar ook voor andere muzikale opdrachten. Die afwisseling vind ik erg belangrijk. Het ene voedt het andere. En waar je ook bent of wat je ook doet: blijf doorbijten, want passie en talent zijn onontbeerlijk. En als het eens tegenzit: frustratie kan eveneens een goede voedingsbodem zijn.”



Michäel R. Roskam.
Regisseur van films als Rundskop, The Drop en La Fidèle. Voorzitter van de Unie van Regisseurs.


Cultureel België: hoe vul jij dat in?
“Ik wil als voorzitter blijven vechten voor een volwaardige en sterke Unie van Regisseurs, samen met de Gilde van Scenaristen. De audiovisuele industrie wordt altijd maar groter. De Unie kan onze positie – die van creatieve bedenkers of content creators– bestendigen en beschermen. We staan volgens mij op een scharnierpunt, waarbij uitbuiting binnen de industrie op de loer ligt.”


Hoe kijk jij, met je eigen ‘creatieve bril’, naar het buitenland?

“Groeien of groter worden (in het buitenland, red.) mag in ieder geval geen doel op zich zijn. Het is een consequentie, het resultaat van iets vruchtbaars. En dat is goed. Maar groei moet je ook in de hand kunnen houden. Want iets dat groeit, neemt als gevolg dan ook ruimte in. Als die ruimte daar niet klaar voor is, dan is groei gewoonweg invasief en destructief. Dan heeft groei dus ook geen betekenis.”

Waar streef je persoonlijk nog naar?
“Ik streef naar het bewaren van authenticiteit, want die is universeel. Daarmee ga je de wereld rond. En ook terug. Maar ook oprecht kunnen genieten en geen zaken doen die je diep van binnen niet fijn vindt om te doen. Want als je daarmee begint, dan brand je op.”



Ann Van Hoey.
Internationaal geprezen kunstenaar, bekend om haar strak vormgegeven keramiek


Cultureel België: hoe vul jij dat in?
“Ik werk geregeld in het buitenland, maar ik ben toch het meest in mijn sas in mijn atelier in Mechelen. Nergens anders kan ik zo’n perfecte afwerking verkrijgen als met mijn eigen klei en mijn eigen oven. En die perfectie is juist kenmerkend voor mijn werk, daar streef ik naar. Een ander groot voordeel van werken in België is dat het zo centraal ligt. Je kunt vanuit ons land heel gemakkelijk met de trein of het vliegtuig op. En dat is interessant, want onze Belgische kunst en design hebben een goede internationale reputatie. Ik zou in België graag willen samenwerken met een galerie voor mijn bronzen kunstwerken. Ik hoop daar wat meer bekendheid aan te kunnen geven.”

Hoe kijk jij, met je eigen ‘creatieve bril’, naar het buitenland?
“Ik word vaak uitgenodigd in het buitenland om er te werken. Ik doe dat graag, het haalt me uit mijn comfortzone. De eerste keer verbleef ik twee maanden in Philadelphia en ik besliste er onmiddellijk om anders te werken dan thuis. Ik krijg nieuwe ideeën in het buitenland. Soms kom ik tot resultaten waarmee ik niet verder wil, maar nieuwe ontwerpen kunnen ook een succes worden. Dat gebeurde bijvoorbeeld tijdens mijn verblijf in Taipei. Ik maakte er een public installation tussen het museum en de beeldentuin ervan. Intussen is dat een permanent werk geworden: ‘The Gathering Gate’. Ik breid mijn internationaal netwerk uit door uit mijn atelier te komen, dat wil ik blijven doen.”

Waar streef je persoonlijk nog naar?
“Op professioneel vlak wil ik graag de inrichting van mijn atelier in Mechelen verbeteren: het moet praktischer worden, zodat ik nog efficiënter kan werken. Zo wil ik meer plaats voor de verpakking en de verzending van mijn werken en een aparte ruimte om te werken met plaaster. Dat lijken misschien zeer beperkte en aardse ambities, maar die maken een wereld van verschil in mijn vakgebied. Met plaaster experimenteer ik op dit ogenblik aan de universiteit in Canberra en als er iets is wat ze hier in Australië hebben, dan is het wel veel plaats. Daarnaast zoek ik ook naar de juiste balans tussen werk, familie en ontspanning. Ik heb twee schattige kleinkinderen waarmee ik graag meer tijd wil doorbrengen.”