Tourist LeMC kleinkunstenaar, grote meneer

Stadstroubadour Johannes Faes, beter bekend als Tourist LeMC, trad in 2015 in de spotlight met zijn unieke kleinkunst-hiphop. Deze zomer vind je hem terug op een heel aantal grote festivals. Hoe beleeft hij dat, en de rest van die zomer?

Met de festivals in het vooruitzicht moet de zomer ongetwijfeld je favoriete seizoen zijn.
“Ik ben eigenlijk meer een tussenseizoentype. Ik ben op mijn best in de lente en in de herfst. Te hete zomerdagen, daar heb ik last van. Net als te koude winters met te veel sneeuw. Uiteraard is het leuk dat er deze zomer een aantal grote festivals op het programma staan. Ik speel op Rock Werchter, Lokerse Feesten, Suikerrock en Dranouter. Festivals vormen al een aantal jaren de ankerpunten van mijn zomer. Van zodra ze vastliggen, kan ik mijn persoonlijke zomer beginnen plannen. Nu ja, op 8 november staat mijn eerste optreden in het Sportpaleis op het programma, dus dat vraagt wel de nodige voorbereiding. Het neemt nu al een groot deel van mijn tijd in beslag en dat zal alleen maar toenemen naarmate de datum dichterbij komt. Net als de zenuwen. Ik heb zelden nog zenuwen wanneer ik het podium betreed, maar voor grote shows à la Sportpaleis gieren ze toch wel door mijn lijf. Er staat of valt zoveel met zo’n grote productie.”

Op welke manier ben je nu al bezig met dat optreden in het Sportpaleis?
“Een optreden van dergelijk formaat vergt vooraf heel wat brainstormwerk. Hoe kunnen we die show zo boeiend mogelijk maken voor iedereen? Op welke manier ga ik mijn nummers brengen? Welke gastartiesten vragen we eventueel mee op het podium? Hoe kleden we het podium aan? De tijd dat ik gewoon op een podium kon kruipen om mijn ding te doen, is voorbij.”

Mis je die eenvoud van vroeger?
“Missen is een groot woord. Ik ben ongelooflijk blij met waar ik vandaag sta. Die optredens van vroeger hadden hun charme, maar die tijd is voorbij. Het ruwe kantje is eraf, vandaag loopt alles iets gesmeerder. En gelukkig maar. Die krakende podia en dito geluidsinstallaties van weleer mis ik niet (lacht).

Ik ben graag onderweg. Wanneer de dagelijkse drukte en routine wegvalt, krijg ik vaak ideeën en inspiratie.

Je hebt dus nog wel wat tijd om de toerist uit te hangen, naast je werk als Tourist. Hoe spendeer jij je vakantie?
“Echt verre reizen onderneem ik niet meer. Nu ik een gezin heb, houden we het bij Europa en dat vind ik prima. Ik rijd graag met de auto en heb het geluk dat mijn grootmoeder in Perpignan in het Zuiden van Frankrijk woont. Daar gaan we geregeld naartoe. Mijn vrouw is van Poolse afkomst, ook daar kunnen we steeds bij familie terecht. Weg uit de sleur en toch bij familie, dat is genieten.”

Is de reis belangrijker dan de bestemming?
“Niet per se. Ik ben graag onderweg. Wanneer de dagelijkse drukte en routine wegvalt, krijg ik vaak ideeën en inspiratie. Tijdens een lange autorit gebeurt het niet zelden dat ik een creatieve inval krijg. Maar dat gebeurt ook wanneer ik effectief op mijn bestemming ben. Verandering van omgeving in het algemeen werkt voor mij. Het zorgt op elk gebied voor nieuwe input. Zo is het lied ‘Tramontane’ op mijn jongste plaat ‘Wij begrijpen mekaar’, op die plek van mijn oma in Frankrijk geïnspireerd.”

Optreden op Rock Werchter, de moeder der Belgische festivals, wat doet dat met een mens?
“Het is een hele eer om daar te mogen staan. Het vormt een mijlpaal in de carrière van iedere Belgische artiest, denk ik. Twee jaar geleden sloot ik The Barn af. Dat was een memorabel moment. Dit jaar sluit ik niet af, maar dat maakt de kick niet minder groot. Het maakt me eigenlijk niet zoveel uit waar en wanneer ik geprogrammeerd sta; een goeie show afleveren, dat primeert voor mij.”

Waar hoop je nog op?
“Ik zou graag Waalse festivals aan mijn portfolio toevoegen, maar dat is ontzettend moeilijk als Vlaamse artiest. Waarom trekt me dat zo? Omdat het zo onbereikbaar is, denk ik. Ik hoop ook dat ‘We begrijpen mekaar’ de tijd krijgt om door te groeien naar de plaat die ze verdient te zijn in mijn ogen. Ik vind dat ik met deze plaat een nog beter product dan de vorige heb afgeleverd. Terwijl ‘En route’ uit 2015 nog steeds in de top 30 van de Ultratop staat. Mijn jongste plaat haalde al vrij snel goud, dat is fijn, maar ik hoop dat ze ook die langdurige status krijgt.”

Ik heb genoeg watertjes doorzwommen om te beseffen dat optreden amper als ‘werk’ kan beschouwd worden. Ik ben nog iedere dag blij dat ik dit vak mag doen.”

Je lijkt steeds meer de kant van kleinkunst dan van rap of hiphop te kiezen. Is dat bewust?
“Ik denk niet dat ik echt te categoriseren ben. Op zich maak ik populaire muziek, dus je zou me ook in het vakje van popmuziek kunnen steken. Ik ben in ieder geval niet zo met hokjes bezig. Ik maak wat ik maak, ongeacht welke genre er opgeplakt wordt. Ik evolueer voortdurend. Dat is nodig, niemand zit op een herhaling van iets te wachten.”

Heb je muzikale voorbeelden?
“Ik heb een brede interesse, maar de laatste tijd luister ik vaak naar Youssoupha of Orelsan, beide Franse rappers. Ze brengen mooie, subtiele teksten. Voor mij moet een goeie song een vorm van poëzie bevatten en dan maakt het me niet uit welk genre het is.”

Wie of wat inspireert je?
“Door mijn werk in de sociale sector kom ik met veel mensen in contact. Die vormen zeker en vast een bron van inspiratie voor mijn teksten. Hoewel dat niet de hoofdreden is dat ik nog steeds iets minder dan halftijds werk. Ik ben iemand die graag structuur heeft. Het geeft me een houvast tijdens de week. Het is een zekerheid waarrond andere dingen kunnen opgebouwd worden. Dat is vaak druk, maar ik klaag niet. Ik heb genoeg watertjes doorzwommen om te beseffen dat optreden of repeteren amper als ‘werk’ kan beschouwd worden. Ik ben nog iedere dag blij dat ik dit vak überhaupt mag doen.”

SMART FACT

Als je niet was doorgebroken als zanger, was je dan voltijds blijven werken in de sociale sector?
“Ik droomde als kleine jongen niet per se van een carrière in de sociale sector. Ik had meer typische jobs voor ogen zoals brandweerman, ambulancier of iets in het leger. Dat zijn stoere jobs en toch sta je ten dienste van de mensen. Dus ja, misschien zit ik dan nu met die mix van de sociale sector en entertainment nog niet zo ver van die oude jongensdroom. Ik heb in België al heel wat bereikt, ik hoop oprecht dat ik deze status nog een hele tijd mag aanhouden. Ik ben nog lang niet uitgeschreven. Als het aan mij ligt, blijf ik dit nog wel een tijdje doen. Hopelijk denkt het publiek er net zo over.”