Waarom je in de winter toch best blijft sporten

Zit je lekker knus onder je deken? Hup, maak dat je gauw buiten bent! Het is net tijdens de herst en de winter dat je moet sporten, want hardlopen, fietsen en zwemmen bij lage temperaturen maakt je fitter, sterker en relaxter.

LAGE TEMPERATUREN MAKEN JE BLIJ

Tijdens het sporten komen er een hoop feel good-stofjeszoals endorfine, serotonine en dopamine vrij. Dat zijn neurotransmitters: stoffen die ervoor zorgen dat zenuwcellen met elkaar communiceren. Endorfine zorgt voor een gelukzalig en euforisch gevoel en vermindert pijn. Dopamine zorgt ervoor dat je gemotiveerd blijft om door te gaan tijdens het sporten. Door te trainen in de koude maakt je lichaam eveneens serotonine aan, dat ook wel eens het gelukshormoon wordt genoemd. Depressieve stemmingen worden er vier keer beter door bestreden dan met antidepressiva.

GOED VOOR JE HART

Sporten in de kou is veel beter voor je hart dan sporten in de hitte. Bij een training met koude temperaturen hoeft je lichaam voor de warmteregulering minder energie te verbruiken, want hoe meer jij je inspant, hoe meer warmte je lichaam produceert. Bij lage temperaturen werkt het als een verwarming die het lichaam behoedt voor onderkoeling. Als het buiten warm is, moet je lichaam overtollige hitte zien kwijt te raken door de hartslag op te voeren. Bij koude hoeft je hart voor dezelfde prestatie minder hard te pompen en daardoor daalt de hartbelasting.

HET IS ZELDEN ÉCHT TE KOUD

Bij temperaturen tot 0 °C kun je zonder problemen buiten blijven. Het is pas vanaf min tien graden dat het problematisch wordt. Daarbij moet je wel rekening houden met de zogenaamde windchill-factor: tijdens het sporten in de koude voelt de temperatuur veel lager aan dan die in werkelijkheid is. Dat komt door de wind die je bij het lopen of fietsen zelf opwekt. Als je 30 km per uur fietst, voelt 0°C aan als -6,5°C. Maar dus zolang de temperaturen boven of net op het vriespunt blijven, is er geen enkele reden om binnen te blijven.

EEN BOOST VOOR JE IMMUUNSYSTEEM

Geen zin in een snotneus deze winter? Dan moet je volgens Amerikaanse onderzoekers van de Appalachian State University lekker bewegen in de buitenlucht. De onderzoekers ontdekten dat sporten in de koude buitenlucht ons immuunsysteem versterkt. Ze vergeleken de vatbaarheid voor verkoudheid van 1.000 proefpersonen. De buitensporters werden maar half zo vaak verkouden dan de proefpersonen die binnen op de bank bleven zitten. Ook waren de buitensporters sneller van hun verkoudheid af. Een verklaring hiervoor is dat de temperatuurverschillen tussen binnen en buiten de doorbloeding stimuleren en dat je immuunsysteem hierdoor een boost krijgt.

NIET IN DE KOUDE KLEREN ZITTEN

De meeste lichaamswarmte verlies je via je hoofd, handen en voeten. Draag dus tijdens het sporten in de winter een muts en handschoenen en werk met laagjes: de eerste laag kleding dient ervoor om je transpiratievocht af te voeren om zo te voorkomen dat je afkoelt. Deze laag bestaat uit thermisch ondergoed. Bovenop dat ondergoed draag je een laag die je lichaam warm houdt. Voor je benen kan dit een legging of trainingsbroek zijn en voor je bovenlichaam een trui of vest. De derde laag kleding is je buitenste laag en moet ervoor zorgen dat je geen last hebt van de weersinvloeden.

WARM-UPS EN DRINKEN

Je spieren zijn minder warm door de koude buitenlucht. Hierdoor is de noodzaak van goede opwarmingsoefeningen nog belangrijker dan in de sportschool. Vaak zijn sporters in de wintermaanden zich ook minder bewust van een mogelijk optredend vochttekort. Dit is zonde, want dat gaat soms ten koste van je sportprestaties. In de wintermaanden zweet je namelijk ook tijdens het sporten, en soms wel net zo veel als in de warmere maanden door goed isolerende kleding. Dit vochttekort moet je dus ook aanvullen tijdens en na het sporten.