Investeren in innovatie is investeren in mensen

Tijdens de coronacrisis zou je het bijna vergeten, ondertussen is het alweer dagelijkse kost: ons land kreunt onder de files. Mobiliteit blijft de achilleshiel van de Belgische industrie. De digitalisering van de logistiek komt dit ten goede, maar wat betekent dat voor de medewerker?

De Nationale Veiligheidsraad erkent de logistieke sector als cruciaal om de productieketen draaiende te houden. Logistiek als de motor van de industrie, want supply chain strekt zich uit over alle sectoren heen. Een studie van de Nationale Bank van België van 2017 geeft aan dat de sector indirect goed is voor 7,6 procent van de Belgische werkgelegenheid. De variëteit aan activiteiten en diensten is groot. Zo is het verwerken van metaalproducten niet vergelijkbaar met de levering van afhaalmaaltijden.

Duurzamere supply chain

Mobiliteit blijft echter een kink in de kabel. Hier moet de grootschalige automatisering en digitalisering soelaas bieden. “Technologie maakt onze supply chain duurzamer, sneller en goedkoper”, zegt Ann Vereecke, professor in Operations & Supply Chain Management aan Vlerick Business School en UGent. “Bedrijven zien het landschap veranderen met slimme stockagesystemen, geautomatiseerde warehouses, forecasting tools, maar ook met meer onderlinge samenwerking dankzij data-uitwisseling, gedeelde infrastructuur en investeringen in deze nieuwe technologieën.” 

Meer vraag naar technische profielen

Automatisering is een verhaal waarin iedereen de vruchten plukt, inclusief de werknemer. “Repetitief werk zal verdwijnen. Data-input bijvoorbeeld, een routinematige job, zal gerobotiseerd worden.” Puur uitvoerend werk wordt overgenomen door geavanceerde technologie. Dit type jobs krijgt een nieuwe invulling en dat verhoogt de vraag naar technische profielen.

Er is nood aan mensen met een sterk analytisch inzicht, merken ze bij hr-bedrijf Hays. In het rapport ‘Baan van de Toekomst’ brengt Hays de gevolgen van de digitalisering voor het personeelsbeleid in de Nederlandse logistieke sector in kaart. De logistieke medewerker van de toekomst is een efficiënte professional die analytisch kan nadenken. “De wil om zich te laten bijscholen wordt voor logistieke werknemers in de toekomst van groot belang”, zegt Dries Serré, Business Unit Manager Experts Zaventem. “We zien een verschuiving in de markt. De toename van beschikbare data zorgt voor een gestegen vraag naar supply chain-analisten, efficiënte professionals die de massale hoeveelheid data kunnen analyseren en omzetten in bruikbare informatie voor directies en het management.” Ook andere jobs, zoals die van logistiek ingenieur, zijn duidelijk veelgevraagd. 

“De wil om zich te laten bijscholen wordt voor logistieke werknemers in de toekomst van groot belang.”— Dries Serré, Hays

Technologie schakelt mens niet uit

Maar vallen laaggeschoolde profielen dan uit de boot? “Nee”, luidt het klaar en duidelijk bij VIL, het Vlaamse innovatieplatform voor de logistieke sector. Met innovatieve onderzoeksprojecten houden zij de vinger aan de pols. “Doemdenken dat robots alles zullen overnemen, klopt niet”, zegt algemeen directeur Liesbeth Geysels. Zelfrijdende trucks zijn nog niet voor morgen en in de e-commerce blijven mensen altijd onvervangbaar. “Technologie werkt ondersteunend en neemt repetitieve taken over, maar schakelt de mens niet uit.” Vacatures voor een knelpuntberoep zoals vrachtwagenchauffeur raken niet ingevuld omdat het een onaantrekkelijke job is. “Dat heeft niets te maken met een gebrek aan vaardigheden of de toenemende automatisering”, benadrukt Geysels.

Levenslang leren

Investeren in innovatie, betekent investeren in werknemers. “In tijden van automatisering moet de werkgever ondersteuning bieden bij het levenslang leren”, weten ze bij Hays. Dat kan via de traditionele kanalen van bijscholing, zoals workshops en tutorials. “Methoden zoals reverse-mentoring of het klassieke peter-meterschap hebben hun nut al bewezen. Op die manier trekken junior werknemers de seniorprofielen mee in het verhaal van digitalisering.” Aan opleidingen is er in Vlaanderen geen gebrek, al benadrukt Serré dat het hier gaat om tweerichtingsverkeer: “Openstaan voor zelfontwikkeling en trainingen is essentieel bij werknemers. Werkgevers moeten hen dan weer het gevoel geven dat ze hierin ondersteund worden.”