15 C
Antwerp
22 september 2018

Filip Peeters: ‘Er is maar een ding dat telt en dat is content’
F
.

©Frederik Hamelynck

Dat de Belgische film boomt, is algemeen geweten en daar mogen we zeker fier op zijn. Volgens Filip Peeters zijn het de tax shelter en de professionalisering van de sector die de Belgische film populair maakten. Zo wil hij ook zichzelf nu opnieuw uitvinden.

Zich uitgebreid verontschuldigend omdat hij te laat is – zijn fiets liet het afweten – wandelt Filip Peeters restaurant Baràbas in Boechout binnen. “Mooie zaak, hé! Jammer genoeg is de horeca een bikkelharde wereld van kleine winstmarges, problemen met personeel en keihard werken”, vertelt Filip Peeters die vroeger zelf actief was in die sector. Ook in de filmwereld is het knokken om succesvol te zijn. Een studie van de UGent toonde aan dat maar liefst 92 procent van de acteurs er niet van kan leven en moet bijklussen.

Hoe verklaar je dat de Belgische filmindustrie nog altijd zo’n succes kent?
“Dat succes is te danken aan verschillende factoren. De tax shelter maatregel is zeer belangrijk geweest, omdat het bedrijven de kans geeft in film te investeren in ruil voor belastingaftrek. Het heeft een waanzinnige financiële impuls gegeven en België aantrekkelijk gemaakt voor buitenlandse producenten. De oprichting van het Vlaams Audiovisueel Fonds (VAF) in 2002 heeft zeker ook bijgedragen. Het zorgde voor een professionalisering van de sector en daardoor voor meer en betere films. Ook Flanders Image, het promotieteam van de Vlaamse film op de internationale markt, levert fantastisch werk. Last but not least heeft Vlaanderen, en België in het algemeen, een ongelofelijk arsenaal aan talent in huis, in alle departementen, van scenario over kostuum, camera en techniek, acteurs, regisseurs tot de post-productie. Ik heb dus alle vertrouwen in de toekomst. Al zijn de uitdagingen niet te onderschatten. Het is immers aartsmoeilijk om het publiek nog naar de bioscoop te lokken. De mensen hebben thuis zo’n groot filmaanbod en als ze een pintje willen halen, duwen ze gewoon de pauzeknop in.”

Wat is jouw rol hierin?
“Mijn streefdoel is om beklijvende, kwalitatieve fictie te maken. Een heleboel staat of valt met het scenario. Als filmacteur sta je daar ten dienste van. Goede scenaristen zijn dus broodnodig. Daar is nog werk aan de winkel want in verhouding tot het aantal uitgebrachte films, zijn ze nog te dun bezaaid. En zonder goed verhaal heb je nooit een goede productie. In de jaren 70 en 80, voor de komst van VTM, waren scenaristen zelfs pioniers. Dat beroep bestond gewoonweg niet. Een scenario schrijven is echt vakmanschap en dat leer je niet van vandaag op morgen.”

Filip Peeters ©Frederik Hamelynck

Na de periode van sixpack rollen, speel ik daarom nu eerder die van een bezadigd man.

 

De Belgen zijn bekend om hun bourgondische levensstijl. Ben jij ook een Bourgondiër?
“Absoluut! Dat kan ik niet verstoppen, vandaar mijn postuur. Maar het is ook omdat ik met zoveel toewijding een rol speel en er helemaal in opga (schiet in een luide lach). Na de periode van sixpack rollen, speel ik daarom nu eerder die van een bezadigd man.”

Je hebt ook voor kok gestudeerd, hoe ben je eigenlijk acteur geworden?
“Wat moet je in godsnaam worden als je 17, 18 jaar bent? Vreselijk moeilijk en tegelijk zo bepalend voor de rest van je leven. Omdat ik die beslissing wat voor me uit wilde schuiven, leerde ik voor kok. Iedereen verklaarde me gek, maar ik kook nu eenmaal graag (lacht). Het idee om te acteren kreeg ik dankzij mijn vijf jaar oudere broer Yo. Hij was een kunstminnend performer en nam me dikwijls mee naar het theater en concerten. Op een dag las ik in de krant dat producent Jan Van Raemdonck De Leeuw van Vlaanderen zou verfilmen. Ik belde alle Van Raemdoncks uit het telefoonboek en kwam uiteindelijk bij zijn huishoudster terecht die me het nummer van zijn productiehuis Kunst en Kino gaf. Toen ik nadien uitgenodigd werd voor een gesprek, vroeg Hugo Claus me of ik kon paardrijden en zwaardvechten. ‘Als de beste’, antwoordde ik. Ik sprong op de tafel en… kreeg de rol. Later in de schminkruimte, raadde Julien Schoenaerts me aan om naar Studio Herman Teirlinck te gaan. En als de grote Julien Schoenaerts dat tegen je zegt, dan doe je dat toch zeker!”

Filip Peeters ©Frederik Hamelynck

 

Je hebt aangegeven minder te gaan acteren. Hoe zien je toekomstplannen eruit?
“Met mijn productiehuis LOOK@LEO werken we aan het scenario voor een serie, maar de weg is nog lang. We mikken op de zomer van 2019 om te draaien. Ik kan er nog niet veel over kwijt, alleen dat het een mix wordt van een policier en een coming of age-verhaal, en dat het over de relatie tussen zoon en moeder gaat. Ik wil me nu vooral focussen op mijn productiehuis. Binnen een paar jaar kan ik me dan terug op het veld begeven om me te amuseren als acteur of als regisseur. Misschien liever als regisseur, want ik vond dat een zeer aangename bezigheid. Het verschil tussen een regisseur en een acteur is dat de ene speelt en de andere werkt. Als regisseur ben je verantwoordelijk voor het hele project en dat geeft een enorme voldoening.”

Er gaan ook geruchten dat je in de politiek zou stappen? Komt dat vanuit een behoefte om bij te dragen tot het algemeen belang?
“Absoluut. Als je niet tevreden bent met het beleid, zijn er twee mogelijkheden. Of je gaat zitten kniezen en zeuren op café, of je probeert er iets aan te doen. Wat ik spijtig genoeg wel al gemerkt heb, is dat – als je je nek uitsteekt – men je gaat intimideren en men op de man gaat spelen. De oude machtspolitiek zeg maar, die zich vooral bezighoudt met verkiezingen en het bestendigen van de macht. Terwijl het toch allemaal hoort te draaien om het algemeen belang. Bij ons in het dorp zijn er veel mensen ontevreden over de bouwwoede en het gebrek aan transparantie. Omdat ik het zelf heel belangrijk vind om de ziel en de identiteit van ons dorp te bewaren, wil ik daar graag met volle goesting mijn schouders mee onder zetten. Meer is er voorlopig niet aan de orde. Momenteel is mijn productiehuis mijn prioriteit: mooie, kwalitatieve, universele projecten maken, die eventueel een internationale carrière kunnen hebben.”

Zodat België fier kan zijn op je producties?
“Inderdaad, dat is zéker de bedoeling.”

SMART FACT.

Als je geen acteur geworden was, was je kok gebleven?

”Misschien. Of Gentil Organisateur (GEO) bij de Club Med (lacht smakelijk). Ik heb dat nooit gedaan, ik ben zelfs nooit in zo’n Club op vakantie geweest. Nee, nu ik erover nadenk, dat is niks voor mij zo de hele dag watersporten en salsa dansen.”

Tekst Birgit Van de Wijer

Lees meer.

Hilde Crevits: Het onderste uit de kan halen

Onderwijs is een fantastische kweekvijver. Een brede vorming is volgens Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits een stevig fundament waarop mensen hun leven lang verder bouwen, als mens, maar ook professioneel. Het vormt jongeren tot unieke persoonlijkheden. Juiste, positieve keuzes horen daarbij.

De arbeidsmarkt: een studie op zich

Na je studie is het tijd om op je eigen benen te staan, Zo snel mogelijk werk, een loon en het huis uit. Maar net zoals je studie, is ook solliciteren iets waarvoor je best de nodige kennis opdoet.

Michèle Van Sebroeck: ‘Ik dring nooit mijn smaak op, ik moet er niet wonen’

Een huis mooi inrichten… voor veel mensen is het een haast ondoenbare klus. Niet voor Michèle Van Sebroeck, waarschijnlijk de bekendste interior designer van ’t land, dankzij het tv-programma De Huisdokter. “Iets moois kopiëren dat je ergens anders hebt gezien, dat lukt bijna nooit.”

Je eigen lichaam, het beste medicijn

Het menselijk lichaam is een wonderbaarlijk gegeven, niet in het minst omdat ons lichaam in veel gevallen voor zijn zelfherstel kan instaan. Van het aanmaken van nieuwe cellen, over het helen van gebroken botten tot het hernieuwen van ons bloed.

Gezelligheid troef tijdens winterbarbecue

Een stukje wild, spruitjes met spek, boschampignons, een glaasje glühwein en vooral heel veel sfeer. Barbecueën tijdens de winter is ‘hot’. En de populariteit blijft stijgen.

3 vragen aan: Lien Willaert

Aan welke eisen moet...

Archief.

Griet Deceuster:‘Onze visie op mobiliteit verandert’

Eeuwenlang zijn steden drukke plaatsen geweest, en ongetwijfeld zullen ze dat ook in de toekomst blijven. Maar de mobiliteitsoplossingen van morgen zullen verschillend zijn van die van vandaag. Griet Deceuster, directeur TM Leuven: “We gaan minder en minder zelf rijden, en meer en meer van diensten gebruik maken.”