5.8 C
Antwerp
10 december 2018

De buik vol van bakstenen
D
.

Het verwerven van een eigen woning is al drie, vier generaties lang een vanzelfsprekendheid in België. Voor huidige twintigers en dertigers is dat echter niet meer zo. Door de gestegen prijzen van grond en materialen en het plaatsgebrek wordt het voor hen steeds moeilijker om zich ‘huiseigenaar’ te noemen. Wat betekent een ‘thuis’ nog voor hen?

Ongeveer zeven op tien Belgen tussen 18 en 30 maken zich zorgen over de financiële haalbaarheid van een eigen huis. Dat blijkt uit een onderzoek dat de Zweedse woongigant Ikea vorig jaar deed naar hoe Generation Y tegenwoordig omgaat met bouwen en wonen. “Ze willen nog wel een huis, maar tegelijkertijd blijft deze generatie ook veel langer thuis wonen”, zegt Jolanda Wetzelaer van Ikea. “Vooral uit financiële noodzaak, omdat bouwen zo duur is geworden. Op die manier kunnen ze meer sparen.”

Ongeveer 30 procent van deze generatie heeft een eigen flat of huis, bij de bouw of aankoop daarvan werden ze heel vaak financieel gesteund door de ouders of grootouders. “Ze hebben dus nog wel een soort baksteen in de maag, maar een huis is voor hen niet iets permanents”, aldus Wetzelaer. “Ze trekken niet in een woning met het idee daar voor de rest van hun leven te blijven. Als er zich dan over vijf of tien jaar iets beters aandient, zullen ze er zonder probleem afscheid van nemen.”

Generation Y wordt uitgedaagd door gebreken: gebrek aan geld, tijd en ruimte

– Herman Konings

Ook trendwatcher Herman Konings bevestigt dit. “Dit is een nomadische generatie. Ze hebben veel gereisd en de wereld gezien. Daardoor zijn ze minder aan één plek gebonden. Het is ook een generatie die uitgedaagd wordt door gebreken: gebrek aan geld, gebrek aan tijd, gebrek aan ruimte… ze zijn verplicht daar inventief mee om te gaan.”

Volgens Konings staat het bezitten van een huis nog altijd hoog op de agenda van Generation Y, al was het maar omdat het in de Belgische cultuur zit ingebakken en omdat het een mooi appeltje voor de dorst vormt bij de pensionering. Maar daarnaast weten ze ook wel dat ze kleiner zullen moeten gaan wonen en hun huizen slimmer inrichten. “De keuken is tegenwoordig ook een werkruimte, de badkamer loopt over in de woonruimte en het bed verdwijnt in de muur. We zullen met ruimte moeten omgaan zoals de Japanners dat doen. Dat is een land waar ruimte schaars is en de huizen heel klein. Dat wordt hier ook meer en meer de norm.”

Omdat Generation Y zelf beseft dat wonen zoals dat vroeger vaak gebeurde – in een viergevelhuis in het groen – niet meer voor hen weggelegd is, zijn ze best bereid om in een klein huis te beginnen. Maar liefst niet voor altijd. “Want als er één ding is waar ze gesteld op zijn, is het hun individuele ruimte”, stelt Wetzelaer. “Als er kinderen komen, zal de woonst groter moeten zijn. Ondanks hun ecologische bewustzijn en sociale engagement, willen ze wat dat betreft niet te veel toegevingen doen.” Zo staat slechts 15 procent van de 27- tot 30-jarigen open voor cohousing, blijkt uit de Ikea-studie.

Het huis is een vorm van identificatie, maar ook een manier om erbij te horen

– Jolanda Wetzelaer

Toch zou het delen van woonruimte het gebrek aan ruimte en geld deels kunnen oplossen, aldus Konings. “Generation Y zijn kinderen van de deeleconomie, ze gebruiken AirBnB en Uber en delen auto’s via Cambio, dus waarom ook geen huis? Je ziet meer en meer twee of drie gezinnen samen een oud schooltje kopen, dat opknappen en er verschillende wooneenheden van maken. Het onderhoud van de tuin wordt dan gezamenlijk gedaan, lekker gemakkelijk.”

Konings maakt wel een onderscheid tussen twintigers en dertigers. “De twintigers hebben nog geen verantwoordelijkheid. Zij trekken vooral naar de stad omdat het daar leuk en gezellig is en huren er iets. Dertigers met kinderen denken al veel meer aan kopen en gaan terug naar de voorstad, omdat de stad voor hen te duur is geworden.” Een eigen woning hebbben is voor deze generatie dus uiteindelijk wel belangrijk. Wetzelaer: “Hun huis is ook een vorm van identificatie en een verlengstuk van hun persoonlijkheid, maar dient ook om ‘erbij te horen’.” Wetzelaer geeft de interieurfoto’s op Pinterest als voorbeeld. “80 procent daarvan is identiek. Je ziet constant de Scandinavische stijl: zwart-wit, een beetje retro, met houtaccenten en quotes aan de muur.”

Erbij horen, maar toch een eigen stijl hebben. Dat is wat Generation Y definieert. Maar de waarden die ze met een thuis associëren, verschillen verbazingwekkend niet zo gek veel van wat hun ouders ervan verwachten: zelfontplooiing, warmte, geborgenheid, rust en ontspanning.

tekst Frederic Petitjean

Lees meer.

Werner De Dobbeleer: De weg naar nul verkeersdoden

Het aantal verkeersdoden in Vlaanderen werd in tien jaar tijd nagenoeg gehalveerd. De doelstellingen voor de komende jaren zijn nog ambitieuzer: maximum 200 doden in 2020, nul doden tegen 2050. Om dat te realiseren is een slimme mix van maatregelen nodig.

Marc Dillen: ‘Vlaamse steden moeten even leefbaar worden als buitengebied’

Bouwbedrijven peilen systematisch naar de woonwensen van de Vlamingen. Uit hun enquêtes is gebleken dat een groot deel van de Vlamingen op het platteland wil wonen en slechts een kleine minderheid in de stad. Vandaar dat de Vlamingen en dan vooral de -35-jarigen die nog geen woonstek hebben gevonden, nu ongerust zijn over de zogenaamde ‘betonstop’ in het buitengebied.

Gezocht: mezelf

Vrijwel onmogelijk: iemand die perfect weet wat hij wilt en het zomaar eventjes allemaal gedaan krijgt. Weten waar je nu precies naartoe wilt in het leven blijft een voortdurende zoektocht. Gelukkig wel eentje die je niet per se alleen hoeft te maken.

Matthias Dobbelaere: ‘Recht en Robots. De glorieuze toekomst, of een onwennig doembeeld?’

Het juridisch apparaat kampt met een aantal problemen en structurele tekortkomingen. De taak, het businessmodel en de uitdagingen van de advocaat zijn de laatste decennia vrij onveranderd gebleven. Een status quo die op termijn onhoudbaar is, want de cliënt – of dat nu een onderneming of een particulier mag zijn – is mondiger, vereist steeds vaker sneller, kwalitatiever werk, terwijl het ‘uurtje-factuurtje’-model steeds minder gesmaakt wordt.

Carlos Brito: ‘Wij willen dat onze medewerkers denken als eigenaren’

Onze Belgische biercultuur is als werelderfgoed erkend door Unesco, niet in de laatste plaats dankzij onze nationale trots AB InBev. Aan het hoofd van die tot een enorme multinational uitgegroeide brouwer staat een Braziliaan: Carlos Brito.

Wie zei het beter? Verbindende Communicatie als inspiratie voor je organisatie

Met een lief woord kom je ver. Met op je strepen staan ook. In een ideale wereld werken ze elkaar in de hand, en zou het een zekere ying en yangatmosfeer moeten opleveren. Voor de meesten is het helaas eerder een water- en vuursituatie, of zelfs een olie-op-het-vuurkwestie.

Archief.

Griet Deceuster:‘Onze visie op mobiliteit verandert’

Eeuwenlang zijn steden drukke plaatsen geweest, en ongetwijfeld zullen ze dat ook in de toekomst blijven. Maar de mobiliteitsoplossingen van morgen zullen verschillend zijn van die van vandaag. Griet Deceuster, directeur TM Leuven: “We gaan minder en minder zelf rijden, en meer en meer van diensten gebruik maken.”