12.8 C
Antwerp
13 november 2018

De (a)sociale student
D
.

Studenten van weleer kenden geen social media. Nu kennen ze bij wijze van spreken niets anders meer. Maar hoe heeft dat hun onderlinge communicatie eigenlijk beïnvloed?

Volgens de Belgian Social Media Monitor waren er in september 2014 in ons land 5,6 miljoen Facebook-gebruikers, een aantal dat bovendien blijft stijgen. Vooral studenten lijken er massaal gebruik van te maken. Zo getuigt ook de 20-jarige Katrijn Decoster, derdejaarsstudent Communicatiemanagement aan Howest. “Ik gebruik Facebook dagelijks, vooral dan om af te spreken. Ik ben lid van minstens tien groepen: onze Chiro om regelingen te treffen, de studierichting om samenvattingen uit te wisselen, enzovoort. Het bepaalt mijn leven in die mate dat ik niet meer zonder zou kunnen. Ik gebruik ook vaak Instagram, Pinterest en Twitter.”

Hoe anders was dat voor de jongeren die voor de digitalisering student waren. Afspreken was bij lange zo gemakkelijk niet, maar bleek allerminst een probleem. “Wat je niet hebt, kan je niet missen. Voor de gsm bestond, had niemand er behoefte aan.” Aan het woord is Frank Despriet, die in 1979 als socioloog afstudeerde aan de (toen nog) Rijksuniversiteit Gent. “Face-to-face contact was de norm: afspraken werden gemaakt op café of na de les. Heel uitzonderlijk belden we medestudenten thuis op, op het vaste nummer van de ouders.” Despriet is niet jaloers op de huidige generatie, die zo gemakkelijk met elkaar communiceert – integendeel. Hij vond het net fijn om op de fiets te springen en naar iemands kot te rijden om iets te vragen. “Dan zag je die persoon tenminste, en kwam je misschien ook nog eens een roddel te weten.”

Wat je niet hebt, kan je
niet missen

Frank Despriet

Vooral voor zij die eind jaren negentig studeerden, moet het een boeiende tijd zijn geweest. Zij maakten de overgang mee naar het gsm-, internet- en social media-tijdperk. Tom Cobbaert bijvoorbeeld, die in 1999 startte aan de KULAK in de richting Moderne Geschiedenis. “Zonder smartphone of zelfs gsm sprak je gewoon een uur en plaats of herkenningspunt af en dat was het. Als er iemand iets te laat was, dan bleef je gewoon even wachten, zonder meteen in paniek te schieten en naar je scherm te gaan turen.” Maar komende uit het pre-digitale tijdperk, herinnert hij zich vooral dat er sowieso weinig werd afgesproken, omdat je gewoon wist waar iedereen op dat moment van de dag zat: in de buurt van de aula, in het studenten-restaurant, op kot of op café. “Voorheen hadden alleen informatici een computer en belden we naar het thuisfront met de vaste telefoon in de gemeenschappelijke kotkeuken. Nu heeft iedereen een laptop en bellen we naar ons lief met de smartphone. Is dat beter? Nee. Slechter? Evenmin.”

Het bepaalt mijn leven in die mate dat ik niet meer zonder zou kunnen

Katrijn Decoster

Toch kijkt Cobbaert als dertiger met enige vraagtekens naar jonge mensen die “op café in plaats van hun hart en ziel, hun smartphone op de tafel of toog leggen.” Maar of hij de nieuwe media nu een verrijking of verarming van het sociaal contact vindt? “Het is gewoon anders.” Daar heeft ancien Despriet een afwijkende mening over. “We surfen letterlijk: we blijven aan de oppervlakte.” Als docent Communicatiepsychologie en -sociologie aan de richting Communicatie management van HOWEST heeft die mening toch
wel enig gezag.

Ook Decoster, de jonge studente die naar eigen zeggen niet meer zonder social media zou kunnen, is niet zonder kritiek. “Soms heb ik heimwee naar mijn oude Nokia’tje, en de tijd dat we nog een dag konden wachten om iets te ontvangen.”

tekst hannes dedeurwaerder

Lees meer.

Evi Hanssen: ‘It takes a village to raise a child…’

Dit oude gezegde is mijn mantra wanneer ik mijn framily – vrienden die zo close zijn geworden dat ze familie zijn – om hulp vraag bij de opvoeding van mijn kinderen. De mantra helpt me om mijn schuldgevoel binnen de perken te houden. Schuldgevoel, daar hebben de meeste ouders sowieso last van, en zéker de single exemplaren die hun kind de helft van de tijd zien.

Siska Schoeters: Muziek voor goed doel én goed gevoel

Music for life leerde Siska Schoeters dat Kerstmis écht de warmste periode van het jaar is. Dat we in een samenleving leven die wél goed kan zijn voor een ander. “Als je er ‘gewoon’ een plaat voor in ruil krijgt, kan er hemel en aarde worden verzet.”

Tessa Bosmans: Jong geleerd is oud gedaan

Smaken en voorkeuren worden van jongs af aan gevormd. Breng je kind dus al op vroege leeftijd in contact met verschillende smaken, maar met voldoende aandacht voor de nodige voedingsstoffen.

Elfje Willemsen: Ik ben een verschrikkelijke koukleum

Vlaanderen leerde haar enkele jaren geleden kennen als de speerwerpster die bobsleester werd. En die dat, tot verbazing van velen, ook nog eens verrassend goed deed. Vandaag is Elfje Willemsen een vaste waarde geworden in haar sport. Maar houdt ze eigenlijk wel van sneeuw?

Philippe Muyters: Samenwerken en van elkaar leren

Als onze economie een koerswedstrijd zou zijn, reden we met Vlaanderen vandaag vooraan in het peloton. Meer zelfs: de commentatoren zouden zeggen dat we in een uitstekende positie zitten om de finale aan te vatten. Onze economie groeit, de werkloosheid daalt al drie jaar onafgebroken en we exporteren meer dan ooit tevoren. Kortom: Vlaanderen rijdt op kop. 

Hightech is kinderspel geworden

Technologie in kinderspullen is helemaal in zwang. In zowat elk product weten de fabrikanten tegenwoordig wel slimme en futuristische features te stoppen. Maar nergens is de opmars zo duidelijk als in speelgoed en tablets.

Archief.

Griet Deceuster:‘Onze visie op mobiliteit verandert’

Eeuwenlang zijn steden drukke plaatsen geweest, en ongetwijfeld zullen ze dat ook in de toekomst blijven. Maar de mobiliteitsoplossingen van morgen zullen verschillend zijn van die van vandaag. Griet Deceuster, directeur TM Leuven: “We gaan minder en minder zelf rijden, en meer en meer van diensten gebruik maken.”