edge computing
IT

Edge computing: Smart cities gaan naar de rand

13.12.2023
door Tom Cassauwers

De voorbije jaren gingen onze data naar de cloud. Nu keert die beweging zich om en doet edge computing zijn intrede. Een trend die heel wat kansen inhoudt voor smart cities.

Edge computing betekent dat data verwerkt worden aan de rand van het netwerk. In plaats van gegevens eerst naar een centraal datacenter door te sturen, gebruiken we ze aan de rand van het netwerk. “De meeste mensen kennen cloud computing wel”, stelt Maarten Weyn, professor aan de Universiteit Antwerpen. “Dat betekent dat je data in een datacenter verwerkt. Dat verhuist steeds meer naar de grens van het netwerk, de edge dus. We verwerken veel vaker de data waar ze gegenereerd worden.”

Maar wat betekent dat in de praktijk? “Er ontstaan meer applicaties waar veel data verwerkt moeten worden”, legt Weyn uit. “Denk bijvoorbeeld aan een slimme camera. Zonder edge computing moet je die hele videostroom naar de cloud sturen om bijvoorbeeld nummerplaten mee te herkennen. Dat geeft heel wat uitdagingen. Je verliest tijd door de videostroom te versturen en verwerken in een datacenter dat misschien ver weg ligt. Je verbruikt ook veel energie en bandbreedte. Ten slotte is het problematisch voor privacy, want alle videobeelden worden op één plek geconcentreerd.”

Slimme steden

Een van de belangrijkste toepassingsvelden voor edge computing zijn smart cities. Smartcitytechnologie kan zo heel wat voordelen halen uit de rand van het netwerk. “Stel dat je een intelligent verkeerslicht hebt dat om de hoek kan kijken”, stelt Steven Latré, professor aan de Universiteit Antwerpen en VP R&D Machine Learning and AI bij imec. “Als er een fietser aan komt rijden en tegelijk uit de andere straat een auto, dan zou dat verkeerslicht op rood moeten springen. Het systeem moet dus videobeelden analyseren, en zowel de auto als de fietser herkennen. Dat moet ook heel snel gebeuren. Maar als je dat in een datacenter doet, dan verlies je tijd. Dat kan de verkeersveiligheid aantasten.”

Ook is het niet altijd even efficiënt om data naar de cloud te sturen. “Als je duizenden van dat soort verkeerslichten moet aansturen via een datacenter, dan zorgt dat voor problemen”, vervolgt Latré. “Al die data moeten namelijk worden verplaatst. En dat verbruikt erg veel energie en bandbreedte.”

Ook is het in slimme steden belangrijk om privacy te handhaven. Opnieuw een goede taak voor edge computing. “Een slimme camera kan het aantal mensen tellen op een plein”, stelt Weyn. “Met die informatie kun je bijvoorbeeld straatverlichting aansteken of dimmen. Die videobeelden bevatten echter heel wat privacygevoelige informatie, zoals de gezichten van mensen. Ze naar de cloud doorsturen is dus niet ideaal. Mensen tellen kan echter ook lokaal gebeuren, op de camera zelf. Dan moet je enkel het aantal mensen doorsturen naar een centraal punt. De videobeelden blijven dus lokaal en verdwijnen na de berekening.”

De laatste jaren is de balans te veel doorgeslagen naar cloud en de grote datacenters.

- Steven Latré, Universiteit Antwerpen en imec

Balans vinden

Dit soort technologie is nodig om de pijnpunten van verstedelijking aan te pakken. “De Verenigde Naties verwachten dat in 2050 68 procent van de wereldbevolking in steden zal wonen”, stelt Weyn. “Veel meer mensen trekken dus naar de steden, wat druk zet op de infrastructuur. Daarom heb je nieuwe technologie nodig. Dat gaat van geconnecteerde wagens en slimme camera’s tot sensoren die de luchtkwaliteit meten. Voor heel wat van die technologieën is edge computing nuttig.”

De komende jaren zal het zwaartepunt van onze digitale wereld dus verschuiven. “De laatste jaren is de balans te veel doorgeslagen naar cloud en de grote datacenters, onder het mom van efficiëntiewinsten”, besluit Latré. “Nu zien we de omgekeerde beweging, waarbij we teruggaan naar de edge. We moeten de balans terugvinden tussen de twee.”

Vorig artikel
Volgend artikel