De relatieve waarde van (zak)geld

Zakgeld

Opvoeden is je best doen, niet de beste willen zijn. Het is genieten van elkaar en wat je hebt. Het is navigeren tussen willen, proberen en kiezen, elke dag opnieuw. Ik leer nog elke dag bij over opvoeden dankzij mijn job en collega’s, mijn gezin en omgeving. Ook over zakgeld.

Zakgeld. Nooit beseft dat zakgeld een deel van opvoeden is, totdat ik zelf kinderen kreeg. Twee kostbare schatten. Geen prijs op te plakken. En dat doen we nooit, berekenen wat zij ons kosten. Waarschijnlijk omdat we de luxe hebben dat we niet alles en elke uitgave moeten tellen.

Verschil tussen ‘hebben’ en ‘zijn’

Ik vertel hen over de jongeren aan wie ik ooit lesgaf en het gewicht van armoede en kwetsbaarheid op heel wat tengere schouders. Ik zeg mijn kinderen wat een gelukzakken we zijn. We hebben een huis, gaan op reis en op restaurant. We duiden het verschil tussen ‘hebben’ en ‘zijn’ en tonen aan dat meer (hebben) niet altijd gelukkiger maakt.

Mijn zoon van 7 denkt dat we rijk zijn – we hebben immers twee trampolines, twee goals en twaalf ballen in de tuin – tot we ‘neen’ zeggen tegen zijn LEGO-lust. Dan berust hij met een berouwvolle blik die zegt: ‘Want dat kunnen we niet betalen zeker’. Hij veert op als we zeggen dat we dat wel kunnen, maar niet willen en dat uitleggen. Of dat tenminste proberen. Ik heb nog niet die onverwoestbare oneliner gevonden die hem omverblaast met inzicht.

Een spender en een spaarder

Krijgt hij dan zakgeld van ons of de grootouders, weet hij meteen wat hij daarmee wil. Hij kiest snel, zelfzeker en zijn geld is op. Bij mijn dochter van 10 is het anders. Kreeg ze 10 euro mee op uitstap, kwam ze met hetzelfde bedrag terug thuis. Een spender en een spaarder dus. Eén uniforme (financiële) opvoeding lukt daarom niet. Zij krijgt sinds vorig jaar een bedrag mee dat op móét. Zo willen we haar leren genieten van een aankoop. Hij krijgt hetzelfde bedragje en mag dat niet onmiddellijk spenderen, maar moet goed nadenken en afwegen.

“Waardeer heel veel, heel vaak.”

De waarde van kostbare tijd

Wat aardig lukt, is hen vertellen wat de dingen kosten. Niet absoluut, wel relatief. Die glanzende luxecabrio die ons inhaalt? Daar kopen we twee van onze auto’s voor. Mijn kinderen bekijken ook wel eens een rekening van de supermarkt of een restaurant. Ze weten dat 100 euro veel geld is en tegelijk niet genoeg voor een maand eten. Mijn dochter weet heel goed hoeveel haar paardrijden kost. Los van (zak)geld. Het kost ook tijd voor mij, haar chauffeur. We geven hen mee dat tijd eveneens heel waardevol en kostbaar is.

Waarderen maakt de dingen fijner

Ze moeten dus kiezen en genieten met volle teugen. Tijd verspil je liefst niet met te lang zeuren of boos blijven. We zeggen het dikwijls: Waardeer heel veel, heel vaak. We tonen het ook, dat het waarderen zoveel dingen veel fijner maakt. Als ze toch vergelijken met wie veel meer heeft, jagen ze mij op míjn paard. En dan geef ik hen wat extra uitleg over kansarmoede in Vlaanderen en de impact daarvan op kinderen. Want werken voor de organisatie met de schoonste missie die er bestaat, kansrijk opgroeien… dat stopt niet als je de werkdeur achter je dichttrekt.